Veel dystopieën draaien om jongeren, maar in De eenheid is de hoofdpersoon net vijftig jaar geworden. Omdat Dorrit alleenstaand is en geen kinderen heeft, hoort ze vanaf die dag tot de groep van overbodigen. Ze wordt opgehaald om te gaan wonen in een soort all-in vakantiepark met restaurants, sportruimtes en een overkoepelde tuin. Bij het maandelijkse welkomstfeest ontmoet ze de andere bewoners: vrouwen vanaf vijftig jaar en mannen vanaf zestig jaar. Sommigen hebben littekens of zien er erg moe uit. Deze overbodigen worden namelijk ingezet voor medische onderzoeken en orgaandonaties aan onmisbaren: meestal mensen met jonge kinderen die ernstig ziek zijn. Verder lezen
literatuur
Kolja – Arthur Japin
Ooit las ik Vaslav van Arthur Japin, over een beroemde Russische balletdanser. Dat verhaal is me bijgebleven en ik heb zelfs het graf van Vaslav Nijinsky bezocht toen ik in Parijs was. Daarom vond ik het een goede keus van mijn boekenclubgenoot om de volgende bijeenkomst Kolja te bespreken, het nieuwste boek van Japin, ook gesitueerd in Rusland. Er is zelfs een personage dat in beide boeken voorkomt (Diaghilev), wat laat zien dat het zich ook in dezelfde tijd en ‘hogere kringen’ afspeelt en dat het gebaseerd is op historische bronnen.

Kolja is doof en kan niet praten totdat hij acht jaar is. Dan wordt hij leerling van Modest Tsjaikovski, de broer van de beroemde componist Pjotr Iljitsj Tsjaikovski. Verder lezen
Hoogvlakte – Naomi Rebekka Boekwijt
Wat doet een Nederlandse jonge vrouw op een boerderij van een oude Zwitserse boer in het midden van niets? Maite is 25 jaar, rijdt tractor en motor, verzorgt de dieren en rooit de aardappelen. Ze leeft samen met boer Moser, die niet veel zegt. Tijdens het eten leest hij uit de bijbel, meestal het verhaal over Noach in de ark. Moser wil ook een ark, voor als de rivier de Thur zal overstromen.

In korte zinnen schetst Naomi Rebekka Boekwijt het leven van Maite op de boerderij. Verder lezen
Portret van een man – Jens Christian Grøndahl
In mijn zeventiende poll kreeg Portret van een man de meeste stemmen. Ik mocht dus weer aan de Literatuur en dat is heerlijk, maar ik moet bekennen dat ik een beetje schrok toen ik zag dat het boek 367 bladzijden telt. Bovendien begon het niet meteen heel boeiend. Jens Christian Grøndahl schrijft geen spannende verhalen waarbij je op het puntje van je stoel zit. En toch wilde ik steeds doorlezen… Hoe kan dat?
De hoofdpersoon krijgt nergens in het boek een naam, zelfs niet als iemand anders zich aan hem voorstelt en ik verwacht dat hij dan ook wel zijn naam zal zeggen. Als oude man kijkt hij terug op zijn leven. Het boek bestaat uit drie delen. In het eerste deel is hij achttien jaar, in het tweede midden veertig en tot slot kijkt hij terug op zichzelf rond zijn zestigste verjaardag. Maar in het tweede en derde deel kijkt hij ook weer terug op eerdere gebeurtenissen in zijn leven. Het is dus bepaald geen chronologische vertelling, maar er zijn wel stukken waarbinnen ik wil weten hoe het verdergaat. Al gaat het toch vooral om de mooie schrijfstijl en de manier waarop de hoofdpersoon zijn leven probeert te duiden. Vrouwen staan daarin centraal: Verder lezen
De liefde – Jonas Gardell
In de jaren tachtig dook een onbekende, dodelijke ziekte op, die vooral onder homoseksuelen voorkwam. Het was ook de tijd dat homoverenigingen werden opgericht en homo’s en lesbiënnes samen begonnen te strijden voor hun rechten. In het drieluik Een verhaal van liefde, ziekte en dood vertelt Jonas Gardell over de opkomst van de homobeweging, die zo vroeg al werd opgeschrikt door de nare ziekte aids.
In 1982 verhuist Rasmus naar Stockholm. Hij heeft net eindexamen gedaan en is blij dat hij het dorp van zijn jeugd kan ontvluchten. Daar hoorde hij er nooit bij; hij werd gepest omdat hij anders was. In Stockholm begint hij een nieuw leven en komt in contact met mensen die zijn zoals hij. Dat is nog een heel avontuur. Voor het eerst naar een ontmoetingsplaats gaan of een homoclub gaan vindt hij doodeng, maar hij voelt ook dat dit is waar hij hoort. Verder lezen
Koelkastlicht – Rodaan Al Galidi
Tijdens de Nacht van de Literatuur werd Rodaan Al Galidi geïnterviewd en hij droeg gedichten voor. Ik kende hem van zijn roman Hoe ik talent voor het leven kreeg over asielzoekers, maar in zijn hart is hij een dichter en dat was goed te merken bij de voordracht. Zijn gedichtenbundel Koelkastlicht is niet te leen bij de bibliotheek, zoals zoveel bundels, want wie leest er nou poëzie… maar het is wel te koop in de boekhandel. Mijn exemplaar is van de derde druk, wat ook niet vaak voorkomt bij gedichtenbundels. Blijkbaar moet je in Nederland ook andere genres beoefenen om als dichter bekend te worden. Verder heeft Rodaan Al Galidi ervoor gekozen om dit boekje uit te breiden met een derde sectie genaamd ‘Losse gedichten die de verkoop van Koelkastlicht mede mogelijk moeten maken’.

Parnassia – Josha Zwaan
Bij de leesgroep wisselen we vaak boekentips uit. Iemand vertelde dat ze Parnassia een ontzettend mooi boek vond. Toen ik het thema zag, aarzelde ik even; tot voor kort vermeed ik bijna alle boeken over oorlog, met name als het over de Tweede Wereldoorlog ging. Maar ik heb me voorgenomen om dat niet meer te doen en daarom begin ik aan het verhaal over Anneke. Ze is zeventig jaar als ze haar dochter Sandra ontmoet op het strand. Dat is heel bijzonder, want ze hebben elkaar niet meer gezien sinds Sandra als tiener bij haar ouders werd weggehaald, samen met haar broertje en zusje. Maar nu wil Sandra weten wie ze is, waar ze vandaan komt, wie haar ouders waren. Ze is al wat op het spoor gekomen, maar Anneke kan een heleboel puzzelstukjes geven. Als ze dat tenminste wil en kan.
Anneke heeft altijd geprobeerd om haar verleden achter zich te laten, maar nu begint ze toch te vertellen, subtiel aangemoedigd door Sandra. De eerste jaren van haar leven heette ze Rivka en woonde ze bij haar joodse ouders, met haar broer Simon. Verder lezen
Magdalena – Maarten ’t Hart
‘Ik kwam er niet doorheen,’ zei iemand van mijn leesgroep over Magdalena, op de avond dat we Dijk hadden besproken. Ik was verbaasd, want ik lees de boeken van Maarten ’t Hart altijd graag. Zijn humor en nuchtere kijk op de wereld spreken me wel aan. Mijn ouders vonden Magdalena allebei een goed boek. Ik had dus wel zin om eraan te beginnen.
Magdalena gaat over de moeder van de schrijver, maar het begint met zijn oma (de moeder van zijn moeder). Die was een spraakwaterval en de zinnen zijn eindeloos. Het is een kunst om het vrij vlot te lezen en dan is het best interessant. Over het leven van zijn moeder voordat Maarten werd geboren weet hij niet veel. Daar vertelde ze nooit iets over. Het gaat dus al snel over zijn jeugd. Lena was een lieve, zorgzame moeder. Wel was ze overal bang voor, net als Maarten zelf, terwijl zijn vader juist nergens bang voor was. Verder lezen
Winter-IJsland – Laura Broekhuysen
Mensen die voor de liefde naar het buitenland verhuizen: het levert boeiende televisie en boeken op. Hoe vergaat het iemand die zich losmaakt van zijn of haar eigen land, cultuur en familie om naar dat verre onbekende te gaan? Zal het wennen of blijft het gemis altijd?

Laura Broekhuysen verhuist met haar IJslandse man en hun dochtertje van twee naar een huis aan een fjord. De plek is alleen per auto bereikbaar is vanuit de hoofdstad Reykjavik. In een poëtische stijl beschrijft ze haar eerste jaar op die mooie ruige plek, waar het altijd koud is. In de winter is alles vastgevroren. Laura’s man werkt in de stad en zijzelf blijft thuis met haar dochtertje. De eenzaamheid lijkt haar niet te deren. Verder lezen
Onrustige jeugd – Konstantin Paustovski
Na een pauze van twee maanden wilde ik graag door in het tweede deel van de autobiografie van Konstantin Paustovski. In Verre jaren las ik over zijn kindertijd, die hij op weergaloze manier beschrijft. Onrustige jeugd gaat over zijn jaren als jong volwassene. Na de middelbare school gaat hij studeren, maar hij vertelt niets over colleges of studieboeken. Paustovski moet in zijn eigen levensonderhoud voorzien en gaat daarom werken als conducteur en bestuurder van de tram van Moskou, wat hilarische verhalen oplevert. Tijdens de Eerste Wereldoorlog wordt hij aangesteld als verzorger van gewonde soldaten op de hospitaaltrein vanaf het front in Polen. Dat is fysiek maar vooral mentaal zwaar:
Dat waren de nachten waarin ik een volwassen man werd. Het eens zo blinkende klatergoud van mijn voorstellingen over de werkelijkheid verschrompelde en schilferde iedere dag wat meer af. Het drong tot mij door dat het leven hard is en voortdurend moeite vergt, wil men het zuiver houden, vrij van vuiligheid en bedrog, en het in heel zijn pracht en eenvoud kunnen zien.