Nieuweling – Marion Bruinenberg

Achter de bergen ligt een klein dorp. De zon schijnt er maar drie maanden per jaar, want de rest van de tijd komt ze niet boven de bergruggen uit. De bevolking van het dorp is vergrijsd. Simone is met haar dertig jaar de jongste. Ze is als enige van haar generatie niet naar de stad verhuisd. Het dorpje heeft nog wel een winkel, een café en een kerk.

Na de dood van Simones vader adviseert Marie haar om een kamer te verhuren. In de zomer komt Eveline daar wonen. Zij doet onderzoek naar de planten die groeien op deze bijzondere plek die het grootste deel van de tijd in de schaduw ligt. Dat levert mooie gedachtes over planten op.

Eveline is het tegenovergestelde van de verlegen Simone: vrolijk, energiek, vol zin in het leven. Ze huppelt door het dorp en legt met iedereen contact. Ze maakt lange bergwandelingen, soms alleen, soms met Simone. Eveline kan zomaar verdwijnen en plotseling weer opduiken. Ze kookt heerlijke maaltijden voor Simone, die opbloeit, maar zich ook overweldigd voelt.

Verder lezen

De Rusluie – Nicole Harmsen

Twee eeuwen lang reisden mensen van Vriezenveen (in Twente) naar Sint-Petersburg om handel te drijven. Het boerenbestaan was hard en kende tegenslagen zoals mislukte oogsten. Om toch genoeg brood op de plank te krijgen, trok men naar Rusland om daar zaden en stoffen te verkopen. Deze handelaren werden De Rusluie genoemd. Familieleden moesten elkaar langere tijd missen en in de loop van de generaties ging men zich meer Russisch en minder Nederlands voelen.

Aan het begin van de achttiende eeuw reizen de Rusluie heen en weer. Elke zomer werken ze op het land en de wintermaanden brengen ze in Petersburg door. Vaak zijn het de mannen die erheen reizen en blijven de vrouwen met kinderen achter. Later blijven de mannen nog langer in Petersburg, als ze er hun eigen winkel hebben geopend. Sommigen trouwen met een Russische vrouw en krijgen een zoon die ook in de zaak kan komen; andere keren worden jongemannen uit Vriezenveen naar Petersburg gestuurd. Het aanbod wordt chiquer en de klanten rijker, maar verschillende keren hangt het voortbestaan van het bedrijf aan een zijden draadje. Huwelijken, niet altijd uit liefde, zorgen ervoor dat de winkel toch in de familie blijft.

Verder lezen

De hemel is altijd paars – Sholeh Rezazadeh

De Iraanse Arghavan heeft een kringloopwinkel in Amsterdam. Bij alles wat ze verkoopt, heeft ze een verhaal. De winkel heeft vaste bezoekers, zoals de vrolijke danseres Anna en fluitist Mees. Tegenover de winkel staan judasbomen, met hun paarse sluiers. In De hemel is altijd paars staan veel mooie metaforen die over bomen gaan.

Arghavan vindt het niet altijd makkelijk om in Nederland te leven. Hoe zij denkt en doet sluit vaak niet aan bij anderen en dat maakt haar verlegen, vooral als ze twijfelt. Wat ze duidelijk observeert, durft ze soms wel te uiten, zoals hoe ze Nederlanders ziet:

Je moet werken, iedereen heeft het druk. Hoe drukker hoe beter. Je mag niet stilstaan, maar ondertussen vergeet je om te leven en te genieten van de simpele dingen.

Verder lezen

Restmens – Marjolein Visser

Restmens draait om twee personages die anders zijn. Pim is zestien en verstandelijk beperkt. Zijn hoofdstukken hebben de vorm van een fictieve radio-uitzending, waarin Pim vertelt wat er allemaal gebeurt in zijn leven. David is bijna veertig en woont in een aanleunwoning, maar een paar jaar geleden was hij nog een flirterige man.

Ik moet flink wennen in dit boek, want Marjolein Visser houdt zich aan de schrijversregel ‘Show, don’t tell’. Als lezer krijg je maar af en toe een hint van Pims beperkingen en van hoe het komt dat David in een rolstoel zit en veel pijn lijdt. Bovendien zijn er in Davids hoofdstukken flashbacks, of toch niet, dan ga ik weer een alinea terug, maar zelfs dan weet ik niet altijd zeker wanneer het zich afspeelt. Er is in het midden een mooi langer hoofdstuk met Davids gedachten, maar ook daar raak ik verward: hij heeft het eerst over zijn moeder en dan is ‘zij’ ineens zijn ex-vriendin Eefje. Pas helemaal aan het einde ontmoeten de hoofdpersonen elkaar, daarvoor moet je dus continu schakelen tussen twee losstaande verhalen.

Verder lezen

Niets ontgaat ons – Janke Reitsma

Koen is vijftien als hij zijn babyzusje Aukje meeneemt naar het wad. Hij wil haar laten zien hoe mooi het daar is, met de strandvogels en de zeehonden. De dokter heeft gezegd dat het meisje waarschijnlijk voor haar eerste verjaardag zal sterven. Koen wil dat ze dan in elk geval in het paradijs is geweest. Bij eb zal hij over het wad wandelen naar het eilandje met baken, waar hij al jaren door zijn verrekijker naar kijkt, maar nog nooit eerder is geweest.

De hoofdstukken waarin Janke Reitsma over deze wadlooptocht vertelt, wordt afgewisseld met terugblikken. Koen woont samen met zijn ouders op een afgelegen plek: tussen twee dorpen in, aan de dijk van de Waddenzee. Het gezin krijgt zelden bezoek. Dat is niet voor niks, want in het verleden had bemoeienis van buiten verstrekkende gevolgen. Wanneer Koen dertien is, wil hij weten wat er precies is gebeurd in zijn vroege jeugd, maar aan wie moet hij dat vragen?

Verder lezen

De reis van haar leven – Ruth Kornberger

Maria Sibylla Merian leefde rond 1700 en is bekend geworden door haar tekeningen van rupsen en vlinders. Als dochter van een Duitse schilder begon ze als meisje met het tekenen van bloemen. Daarbij horen ook insecten en Maria was gefascineerd door de wereld van kleine diertjes. Ze had er alles voor over om ook aan de andere kant van de oceaan vlinders te bestuderen. De proloog van De reis van haar leven vindt plaats in het regenwoud van Suriname. Als lezer weet je dus al dat het Maria lukt om haar grote droom waar te maken. Maar de eerste helft van het boek speelt zich af in Nederland.

Maria Merian woont met haar twee dochters in Friesland bij de labadisten, een geloofsgemeenschap. Maria kan zich echter niet zo voegen in de strenge regels en vertrekt naar Amsterdam. Als alleenstaande vrouw moet ze zelf de kost verdienen met haar schilderijen en tekenlessen. Dat is niet gemakkelijk, maar ze krijgt het voor elkaar. Haar dochters Dorothea en Johanna helpen mee met tekenen. Ze proberen de rupsen steeds af te beelden samen met de plant waar ze van eten en de vlinder die ze worden.

Verder lezen

De ent – Jannie Regnerus

Vader, moeder en Rixt zitten aan tafel, elk in gedachten verzonken. De ogen gericht op een vertrouwd stilleven, de uitstalling van platte borden, brood en potjes zoetigheid, de drie theemokken waaruit wolkjes opstijgen die als lege tekstballonnnen tussen hen in hangen.

Op de eerste bladzijde van De ent vind ik al wat ik had verwacht: een beschrijving van een eenvoudig tafereel met een mooie metafoor. Ik wilde al zo lang iets van Jannie Regnerus lezen en heb besloten om te beginnen met haar eerste roman. Daarvoor heeft ze geschreven over periodes dat ze in het buitenland woonde. Voor dit boek keerde ze terug naar haar geboortegrond in het noorden van Friesland.

Verder lezen

Hier komen wij vandaan – Leonieke Baerwaldt

Als kind kon ik erg genieten van het zee-aquarium van mijn opa. Eigenlijk vond oma het maar niks, zo’n enorme bak water die kon gaan lekken. Uiteindelijk heeft het er een aantal jaren gestaan. Ik ging op een stoel zitten kijken naar de kleurige tropische vissen en de garnalen. Op een dag kocht opa een zeekomkommer. De eitjes daarvan bleken giftig en alle vissen gingen eraan dood.

Die mooie en wrede onderwaterwereld komt terug in twee sprookjes, waardoor Leonieke Baerwaldt zich heeft laten inspireren. Het begint met de kleine zeemeermin, die ernaar verlangt om aan land te gaan. Daarna worden nog drie verhaallijnen geïntroduceerd. Gelukkig leest het allemaal wel gemakkelijk. Als eerste gaat het over Loek en Brenda, die wonen in een woonwagen aan de rand van een industrieterrein. Het idee is om een huis te bouwen, daar op die plek aan het water, waar niemand wil wonen. De tweede verhaallijn draait om Alex, die als volwassen man nog steeds bij zijn moeder woont. Hij droomt ervan om een aquariumwinkel te hebben, terwijl hij werkt in een fabriek.

Verder lezen

Ik ga leven – Lale Gül

Verhalen over mensen die in een religieuze gemeenschap leven hebben me altijd geboeid. In Nederland zijn er talloze schrijvers die hebben verteld over hun christelijke opvoeding, maar over moslims is nog maar weinig geschreven. Daarom stond Ik ga leven al een tijd op mijn verlanglijstje. Lale Gül heeft haar debuut gebaseerd op haar eigen jeugd in een orthodox-islamitisch Turks gezin. Toen ze veel aandacht kreeg vanwege bedreigingen, kon ik mijn nieuwsgierigheid niet langer bedwingen en kocht het boek.

Het kan haar allemaal aan haar anus oxideren.

Het eerste wat opvalt is de wonderlijke schrijfstijl. Lale gebruikt veel moeilijke woorden en breit regelmatig ellenlange zinnen, om even later grof taalgebruik te bezigen. Ik vraag me af of ik hier wel doorheen ga komen, maar het went wel en ik vind haar observaties interessant. Gelukkig schrijft ze niet continu zo ingewikkeld. Ik vermoed dat de redacteur het wel zwaar heeft gehad hiermee. Verderop in het boek is hier en daar nog een fout voorzetsel blijven staan.

Verder lezen

Colombe – Christine Van den Hove

In 1838 werden in een klein Frans dorp twee meisjes geboren op precies dezelfde dag. Schaapherder Michel hoorde eerst gehuil vanuit het huis van een jong stel, dat hun eerste kindje Colombe noemde. Even later klonk het gekrijs van een baby uit het huis van de Spaanse bakker, waar Amparo net ter wereld was gekomen. In het dorp fluisterden de mensen dat de schaapherder met één van de twee zou trouwen, ook al was hij twintig jaar ouder. De meisjes zelf gingen het haast geloven.

Christine Van den Hove debuteert met deze mooie roman, maar haar schrijfstijl is al goed ontwikkeld. De zinnen zijn kort en er zijn geen uitgebreide omschrijvingen, wat goed past bij de zwijgzame personages. Toch zie ik het dorp en het gehucht waar de herder woont zo voor me, met de bakkerij, wat huizen, een klooster en een kerkje in een bergachtige landschap bij de grens met Spanje.

Verder lezen