Het is zomer en Shell (eigenlijk Michelle) ziet vanaf haar balkon hoe gezinnen hun auto volproppen en vertrekken naar de zon, ook al schijnt de zon hier ook en is het bloedheet. De moeder van Shell is hoogzwanger. Voor de vierde keer krijgt ze een dochter van een alweer afwezige vader. Hierna gaat ze aan de prikpil, vertelt ze, dan kunnen er geen kinderen meer bijkomen.
Derk Visser heeft zich knap ingeleefd in deze puber, die voor het eerst een vriendje krijgt, maar ook al volwassen problemen moet oplossen omdat haar moeder het vaak laat afweten. Wat doe je bijvoorbeeld als tienermeisje wanneer er geld is om maandverband te kopen? Creatieve oplossingen blijken rampzalig te kunnen uitpakken en Shell schaamt zich kapot als ze naar het buurtcentrum gaat, waar gratis boodschappen gehaald kunnen worden.
De moeder praat heel open met haar dochters. Soms leidt dat tot enorme ruzie, een andere keer tot een mooi gesprek. Misschien iets te mooi: de zinnen komen er wel erg vloeiend uit op papier. Maar het is fijn om te lezen. Ik zie het allemaal helemaal voor me: de flat waar het bloedheet wordt, de kapotte wasmachine op de galerij, de graffiti op de muur, het is zo beeldend geschreven.
Verder lezen



