Vier eeuwen lang had Nederland een kolonie aan de andere kant van de wereld: Nederlands-Indië. Hoe kwam dat, hoe ging dat en hoe eindigde het? En welke invloed heeft deze geschiedenis nu nog steeds? Daar gaat Het begon met peper over. Het boek is geschreven voor tieners, in korte stukjes en heldere taal. Bovendien is het prachtig vormgegeven. Natuurlijk komen er allerlei namen en jaartallen voorbij, maar op deze manier lees ik het veel gemakkelijker dan Revolusi van David van Reybrouck.

Het boek begint met algemene feitjes: waar ligt Indonesië, hoe groot is het, wat voor dieren en planten zijn daar. Ik verwonder me over de bouw van een compleet nieuwe hoofdstad, omdat Jakarta jaarlijks 20 centimeter wegzakt. Dan duiken we de geschiedenis in, waarbij een paar bladzijden gaan over beroemde zaken zoals de Borobudur en wajangpoppen.
Het volgende hoofdstuk gaat over de VOC. Europeanen voeren per schip naar Indië en er kwamen plantages die door Nederlanders werden beheerd. De oorspronkelijke bevolking werd keihard aan het werk gezet, als ze tenminste niet uitgemoord werden.
Verder lezen



