Hier komen wij vandaan – Leonieke Baerwaldt

Als kind kon ik erg genieten van het zee-aquarium van mijn opa. Eigenlijk vond oma het maar niks, zo’n enorme bak water die kon gaan lekken. Uiteindelijk heeft het er een aantal jaren gestaan. Ik ging op een stoel zitten kijken naar de kleurige tropische vissen en de garnalen. Op een dag kocht opa een zeekomkommer. De eitjes daarvan bleken giftig en alle vissen gingen eraan dood.

Die mooie en wrede onderwaterwereld komt terug in twee sprookjes, waardoor Leonieke Baerwaldt zich heeft laten inspireren. Het begint met de kleine zeemeermin, die ernaar verlangt om aan land te gaan. Daarna worden nog drie verhaallijnen geïntroduceerd. Gelukkig leest het allemaal wel gemakkelijk. Als eerste gaat het over Loek en Brenda, die wonen in een woonwagen aan de rand van een industrieterrein. Het idee is om een huis te bouwen, daar op die plek aan het water, waar niemand wil wonen. De tweede verhaallijn draait om Alex, die als volwassen man nog steeds bij zijn moeder woont. Hij droomt ervan om een aquariumwinkel te hebben, terwijl hij werkt in een fabriek.

Verder lezen

Flin – Henry Lloyd

Henry Lloyd lijkt de naam van een Engelsman, maar het is het pseudoniem van een Nederlandse schrijver. Ook na de nominatie van Flin voor de Woutertje Pieterseprijs wil hij zijn identiteit niet prijsgeven. Hetzelfde geldt voor tekenaar Laurens Rawie, wiens zwart-witte pentekeningen mij aan het werk van Quentin Blake doen denken. Deze mysteries passen wel bij dit verhaal, waarin de draak wordt gestoken met klassieke sprookjes.

Flin wordt als baby door een arend meegenomen naar haar nest. Verder lezen

Lampje – Annet Schaap

Lampje is officieel een kinderboek, maar veel volwassenen zijn er ook lyrisch over. De voorkant ziet er al zo mooi uit en dat is ook niet gek, want Annet Schaap heeft zowel het verhaal geschreven als de tekeningen gemaakt. Het tekenen heeft ze al voor vele kinderboeken gedaan, maar het schrijven is voor haar nieuw. Hoe zou dat uitpakken?

Lampje is de dochter van de vuurtorenwachter. Omdat haar vader een onderbeen mist (en meestal dronken is), gaat zij meestal naar boven om de vuurtoren aan te steken in de avond en uit te doen in de ochtend. Op een dag gebruikt ze de laatste lucifer uit het doosje en daarna vergeet ze om nieuwe te kopen. Verder lezen

Vonkt – Marije Langelaar

In de bibliotheek sta ik bij de kast met poëzie. Het is maar één kast in dat enorme gebouw, plus nog een plankje in de kast ernaast. Hij staat vol met veelal dunne boekjes. Ik was van plan om iets van Ester Naomi Perquin te lenen, maar haar bundels staan er niet. Blijkbaar zijn er toch meer mensen die de weg naar de gedichten weten te vinden. Dan moet ik spontaan iets anders bedenken en ik graaf in mijn geheugen. Menno Wigman misschien? Hij is net overleden en het is vast niet toevallig dat hij ook net is uitgeleend. Mijn oog valt op Vonkt, de bundel waarvoor Marije Langelaar werd genomineerd voor de VSB poëzieprijs.

Ik sla het open en het ritme van de zinnen bevalt me wel, dus deze wordt het. Verder lezen

Het parfum – Patrick Süskind

In de achttiende eeuw leefde in Frankrijk een man met een bijzonder goede neus. Jean-Baptiste Grenouille werd geboren uit een viswijf dat hem onder de viskraam liet liggen, net als haar andere vier kinderen, die dit niet overleefden. Maar deze baby gaf een schreeuw en werd naar het klooster gebracht. Hij versleet diverse minnen, waarvan de laatste pas kon duiden wat haar niet beviel: het kind had geen geur… Zo begint dit sprookjesachtige verhaal van Patrick Süskind. Het werd voor het eerst uitgegeven in 1985 en is inmiddels zo bekend dat ik het wel een klassieker kan noemen. Ik verwachtte er dan ook heel wat van.

Verder lezen

Gratis tijd voor iedereen – Alexis de Roode

Toen ik Alexis de Roode in De Nachtzoen had gezien, wilde ik graag meer van hem horen en lezen. Tijd is het centrale thema in zijn gedichtenbundel Gratis tijd voor iedereen. Het gaat over traagheid, uren van de dag, seizoenen en periodes in je leven.

De voorkant doet me denken aan een sprookje, net als de volgende strofe:

Ik liep door een bos in fluistertijd
waar de wind was gaan liggen
en blaadjes over toekomst ritselden.
Wortels kronkelden als bange slangen.

Gratis tijd voor iedereen

Verder lezen