De meisjes – Annet Schaap

Ziek op de bank luister ik de aflevering van de Grote Vriendelijke Podcast waarin Annet Schaap wordt geïnterviewd. Na haar fantastische debuut Lampje schreef ze De meisjes, waarin ze zeven sprookjes vertelt. Deze zijn losjes gebaseerd op klassiekers van Grimm en Perrault, zoals Roodkapje en Doornroosje. In de podcast leest Annet het kortste sprookje voor: dat van de kikker die tot prins gekust wil worden. Ik vind het geweldig om naar te luisteren en zoek daarom het luisterboek op in de online bibliotheek.

Eén van mijn favorieten, naast de kikker, is het verhaal van Roodkapje. Die wordt overigens niet zo genoemd. Het meisje gaat met boodschappen naar haar zieke oma, want haar moeder lukt het niet om een bestelling te plaatsen bij een online supermarkt. Het meisje neemt haar mobieltje mee om de weg te vinden. Ze wandelt langs een begraafplaats. Daarachter is een bos, waar een wolf woont in een gebied dat afgeschermd is door hekken. Het geweldige van dit verhaal is dat het perspectief afwisselend bij het meisje en bij de wolf ligt. Het is zo spannend!

Verder lezen

Een coquette vrouw – Carry van Bruggen

Een coquette vrouw verscheen voor het eerst in 1915. Hoofdpersoon Ina trouwt met Egbert, van wie ze erg onder de indruk is. Hij is zelfverzekerd en ogenschijnlijk emotieloos, terwijl zij juist temperamentvol en onzeker is. In het begin trekt Ina zich erg aan Egbert op, want hij heeft voor alles een verklaring en regelt alle praktische zaken van hun leven. Maar hij doet ook erg neerbuigend naar Ina. Als zij haar eerste verhalen en zelfs een boek publiceert, helpt hij haar met de praktische zaken. Maar hij leest alles slechts vluchtig en kijkt er duidelijk op neer. Er is geen trots te bespeuren.

Carry van Bruggen baseerde deze roman op haar eigen huwelijk met Kees van Bruggen. Ze heeft een prachtige schrijfstijl. Het kost wat moeite om de mooie lange zinnen met ouderwetse woorden te lezen, maar het is prima te begrijpen. Zo is Ina tegen de dokter openhartig over haar boze buien:

Verder lezen

De wereld van gisteren – Stefan Zweig

Stefan Zweig (1881-1942) was een beroemde schrijver uit Oostenrijk. In De wereld van gisteren vertelt hij over de geschiedenis van Midden-Europa tijdens zijn leven. Ik zou het geen autobiografie noemen, want persoonlijk wordt het niet. Zo wordt zijn eerste vrouw alleen in een bijzin genoemd en zijn tweede huwelijk krijg een enkele alinea. Zweig beschrijft de tijdgeest, die totaal veranderde door twee wereldoorlogen. De tweede overleefde hij niet, hoewel hij inmiddels in Zuid-Amerika was. Hij pleegde samen met zijn vrouw zelfmoord, vlak nadat hij dit boek had geschreven.

Het begint in Wenen, waar Stefan Zweig wordt geboren uit een joodse familie, die niet praktiserend gelovig lijkt te zijn. Het is een haast sprookjesachtige tijd, waarin cultuur het hoogste goed is. Schrijvers hebben veel invloed op wat mensen denken en de meest bewonderde mensen zijn toneelspelers, waarvan jongeren handtekeningen verzamelen. Zweig noemt talloze namen, waarvan slechts enkele mij bekend voorkomen. Er zijn anekdotes bij die ik totaal niet boeiend vind, maar ook treffende beschrijvingen die me doen denken aan de Russische tijdgenoot Konstantin Paustovski.

Verder lezen

Frankenstein – Mary Shelley

Mary Shelley kwam ik tegen in romans van Jeanette Winterson en Anne Eekhout. Daarom wilde ik graag Mary’s beroemde boek Frankenstein lezen, dat voor het eerst werd gepubliceerd in 1818. Zo’n antiek boek is vaak lastig door te komen en daarom koos ik voor de hervertelling door Maria Postema, uit de serie met wereldklassiekers van uitgeverij Blossom Books.

Het verhaal begint met een brief van een zeeman aan zijn zus. Hij is op expeditie naar de Noordpool gegaan en komt daar Victor Frankenstein tegen, drijvend op een ijsschots. De kapitein neemt de arme man aan boord en daar vertelt Victor over het monster dat hij maakte. Als scheikundestudent was hij geobsedeerd door het idee dat spieren met elektriciteit worden aangestuurd en hij begon experimenten met dode lichaamsdelen. Het lukte om een enorm wezen te creëren en dat tot leven te brengen. Victor schrok er zelf van en het monster ontsnapte.

Verder lezen

The haunting of Hill House – Shirley Jackson

Een paar maanden geleden zag ik de bijzondere film die gemaakt is over de Amerikaanse schrijver Shirley Jackson, die leefde van 1916 tot 1965. Haar korte verhaal The Lottery vond ik erg goed; dat is een soort voorloper van boeken als The hunger games. De Nederlandse vertaling van de roman The haunting of Hill House is te leen als e-book bij de online bieb, maar ik vind de zinnen niet soepel lopen en daarom heb ik alsnog het origineel uit een andere bibliotheekvestiging laten komen. Af en toe zoek ik een Engels woord op, maar het taalgebruik is niet heel moeilijk.

Wetenschapper dr. John Montague wil onderzoek doen naar bovennatuurlijke verschijnselen in oude huizen. Daarom huurt hij Hill House, waarvan wordt gezegd dat het er spookt. Montague nodigt een aantal mensen uit om hem te helpen bij het onderzoek. De jonge vrouwen Eleanor en Theodora gaan het avontuur aan. Verder is Luke aanwezig als vertegenwoordiger van de familie die het huis in bezit heeft. Er woont niemand; iedereen die er eerder heeft overnacht hield het maximaal een paar dagen vol.

Verder lezen

Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan… – Louis Couperus

In mijn laatste poll had ik vier boeken gezet waar ik een beetje tegenop zag. Louis Couperus won het net van Philippe Claudel. Eerder had ik van Couperus al Eline Vere gelezen, wat ik mooi vond, en als tiener was ik onder de indruk van De stille kracht. Ik verwachtte daarom dat Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan… me ook zou bevallen.

Het ouderwetse taalgebruik is weer even wennen, maar het leest al snel vlot. Couperus maakt lange zinnen met veel komma’s. Hij geeft gesprekken vrij letterlijk weer, inclusief haperingen, dat doet geen enkele moderne schrijver. Typisch is het taalgebruik van de oude dokter: ja-ja, zo-zo… Die drie puntjes komen veelvuldig terug. Sommige woorden hoor je nooit meer, zoals ‘bonhomie’ maar ook ‘versneukerend’, wat toch grappig klinkt. Meestal kan ik uit de context prima begrijpen wat het betekent.

Verder lezen

Watership Down – Richard Adams

De getekende konijnen in de film Waterschapsheuvel kan ik me na een jaar of 25 nog voor de geest halen. Pas later ontdekte ik dat dit een boekverfilming was van een klassieker uit 1971. Dat is bij het lezen wel te merken, want de beschrijvingen zijn vrij uitgebreid en het verhaal vordert in konijnentempo: deze beestjes kunnen wel rennen, maar dat doen ze alleen bij acuut gevaar. Meestal hopsen ze een beetje rond en staan regelmatig stil om even uit te rusten of om te controleren of er iets op de loer ligt…

Het verhaal begint als Fiver een angstig voorgevoel heeft: het leven van hun konijnengroep is in gevaar. Hij kan niet uitleggen waarom, maar ze kunnen wel zien dat mensen een bord hebben geplaatst. De lezer krijgt wel te weten wat daarop staat. Een paar mannetjeskonijnen besluiten samen te vluchten. Ze denken er niet aan om ook vrouwtjes mee te nemen (het wordt me niet helemaal duidelijk of die dat niet willen of er niet van weten) en zo gaat het groepje ervandoor.

Verder lezen

Oorlog met de salamanders – Karel Čapek

Onze wereld wordt beheerst door de mens. Maar stel nu dat er een andere diersoort komt die net zo intelligent blijkt te zijn? Dat idee wordt uitgewerkt in Oorlog met de salamanders. Het is een Tsjechische klassieker uit 1936, maar Nederlanders spelen een belangrijke rol als zeevarende handelaars. Kapitein van Toch is op zoek naar nieuwe plekken om naar parels te vissen, als hij kennismaakt met de reuzensalamanders. Die kunnen veel langer onder water blijven dan een mens en ze zijn slim, waardoor ze de ideale parelduikers zijn. Van Toch haalt een rijke ondernemer over om te investeren in deze salamanders.

Vanaf dan groeit het aantal salamanders in de wereld snel. De salamanders worden ingezet voor allerlei werkzaamheden, met name het droogleggen van nieuw land en het bouwen van waterwerken. Ze kunnen wel even op land leven, maar blijven het liefst in het water. Omdat ze zo slim zijn, leren ze ook praten, al klinkt dat wel wat sisserig. Allerlei nieuwe vraagstukken komen op tafel, want moeten Salamanders ook onderwijs krijgen? En welke rechten hebben ze verder? Lijkt het inzetten van Salamanders niet te veel op slavernij? Bedreigen ze de werkgelegenheid van menselijke arbeiders? En bij welk land horen de Salamanders eigenlijk, of vormen ze een eigen natie?

Verder lezen

The ultimate hitchhiker’s guide to the galaxy – Douglas Adams

The ultimate hitchhiker’s guide to the galaxy is het raarste boek dat ik ooit heb gelezen. Het bestaat uit vijf delen die eerder als aparte boeken werden uitgegeven. Maar het begon ooit met een hoorspel op de radio. Vijftien jaar geleden zag ik de verfilming. Het enige wat ik me daarvan herinner is het beeld van een man die de Grand Canyon rood aan het schilderen is, terwijl een deel ervan nog grijs is.

Het verhaal begint met Arthur Dent die probeert te voorkomen dat zijn huis wordt gesloopt omdat er een snelweg moet worden aangelegd. Terwijl hij in de modder ligt om de werkmannen tegen te houden, komt er een man naar hem toe die hem overhaalt om naar het café te gaan. Deze man heet Ford Prefect en hij blijkt een buitenaards wezen te zijn. Ford weet dat de aarde binnen een paar minuten vernietigd zal worden vanwege de aanleg van een ruimtesnelweg. Hij redt Arthur door een lift te regelen op een ruimteschip.

Daarna gaat Douglas Adams helemaal los met beschrijvingen van diverse planeten en allerlei buitenaardse wezens. Er zijn afzichtelijke lelijke schepsels die vreselijke gedichten voordragen, een insect met roze vleugels neemt de telefoon op, iemand loopt met een groene dame aan zijn zijde en de president van het heelal heeft twee hoofden. Het verhaal is soms amper te volgen en het vliegt alle kanten op, zowel in plaats als tijd. Dit alles is doorspekt met veel humor, vaak van een nerd-achtige soort. Er zijn talloze kleine grapjes, zoals iets wat gebeurt ‘for the nth time’.

Verder lezen

De brief voor de koning – Tonke Dragt

De brief voor de koning is een gouwe ouwe. Het boek kreeg in 1963 de Gouden Griffel en later zelfs de Griffel der Griffels 1955-2004. Dat belooft wat! De directe aanleiding om het te gaan lezen is de nieuwe Netflix-serie die hierop is gebaseerd. Misschien komt het wel daardoor dat de boeken continu zijn uitgeleend bij de bieb.

Het verhaal doet me denken aan Lord of the Rings, met kastelen, paarden en zwaarden, een jongeman die een gevaarlijke missie moet voltooien en er is zelfs sprake van twaalf ringen die alleen gedragen worden door heel bijzondere mensen. Verder lezen