Ik ben er niet – Lize Spit

Na het succesvolle debuut van Lize Spit waren de verwachtingen van haar tweede roman hoog. Dat lijkt me lastig voor een jonge schrijver. Ze heeft er in elk geval goed de tijd voor genomen: vijf jaar na Het smelt kwam Ik ben er niet. De structuur van de twee boeken lijkt op elkaar, met twee verhaallijnen. De ene is in het heden op een enkele dag, hier zelfs maar elf minuten, afstevenend op een grote climax. Dit wordt afgewisseld met hoofdstukken die zich in het verleden afspelen, ook chronologisch plus herinneringen naar vroeger.

De hoofdpersoon is Leo, wiens beleving en gedachten uitgebreid worden weergegeven. Daardoor is het een dik boek geworden, maar het leest vlot. Leo is al tien jaar samen met Simon. Ze vonden elkaar in het gemis van hun moeder. Die van Simon overleed aan kanker en die van Leo door een ongeluk. Leo fietste toen naar de plaats des onheils en daar denkt ze aan terug tijdens de fietstocht die ze in het heden maakt. Ze heeft een telefoontje gekregen dat Simon iets heeft uitgehaald. Ik weet niet eens meer precies wat je in het begin al weet en wat nog niet en ik wil niet te veel verklappen, maar je hebt wel meteen door dat het ook nu om leven en dood draait.

Verder lezen

Let op mijn woorden – Griet Op de Beeck

Meteen op de eerste bladzijde van Let op mijn woorden signaleer ik de eerste rake zinnen, als Lise haar vader observeert die net als zij niet kan slapen:

Ze vroeg zich af waarom hij de lamp niet had aangestoken. Waarom hij naar buiten keek terwijl er niks te zien viel. Of hij nadacht over iets moois of iets vervelends, over iets wat verschoof of iets wat bleef. Of hij nog droomde en waarvan dan. Hoe hij vroeger was geweest.

Zo’n opsomming gebruikt Griet Op de Beeck wel vaker, maar niet te vaak. Ook de thematiek is niet nieuw: het gaat weer over een disfunctioneel gezin. Lise is vijftien en balanceert tussen haar ouders, probeert de boel bij elkaar te houden als haar vader weer eens een dronken bui heeft. Of als haar moeder aandacht wil omdat ze zichzelf zielig of juist geweldig vindt. Lises broertje David vlucht zo vaak hij kan naar vriendjes, terwijl Lise zich verantwoordelijk voelt. Ze moet haar familie ook wel koesteren, want de twee vriendinnen die ze had hebben de vriendschap onlangs verbroken.

Verder lezen

IJzerkop – Jean-Claude van Rijckeghem

Een meisje in het leger van Napoleon, zo luidt de ondertitel van IJzerkop. Oorlogsverhalen trekken me niet direct, maar Marcella blogde al enthousiast over deze genomineerde voor de Woutertje Pieterseprijs, dus ik ben klaar voor een spannend verhaal. Maar Jean-Claude van Rijckeghem bouwt het rustig op en het duurt wel honderd bladzijden voordat het meisje het leger in gaat. Eerst wordt uitgebreid beschreven hoe het leven van Stans en haar broertje Pier in Gent eruitziet voordat ze op avontuur gaan. Stans is achttien en dat betekent dat ze aan trouwen toe is, maar aan het begin van het boek woont ze bij haar ouders, waar ze al haar tijd aan het huishouden besteedt. Toch weet ze er af en toe tussenuit te piepen. Haar broertje Pier is vier jaar jonger en krijgt toch regelmatig de opdracht om zijn zus in de gaten te houden. Stans is stoer en onstuimig; Pier is braaf en onhandig. Verder lezen

Het beste wat we hebben – Griet Op de Beeck

Sinds Vele hemels boven de zevende wil ik alles van Griet Op de Beeck lezen, ook al loop ik meestal een boek of twee achter. Het beste wat we hebben is uit 2017, maar alle acht exemplaren van de bibliotheek zijn uitgeleend en na mij heeft een volgende lezer het alweer gereserveerd. Ik denk dat veel mensen zich herkennen in haar psychologische verhalen.

Lucas is rechter en is in een opwelling weggelopen uit een rechtszaak. Nu staat hij op een hoge brug, waar af en toe iemand vanaf springt. Verder lezen

Twee boeken uit Oost-Vlaanderen

Voor mijn leesreis door de provincies koos ik De geesten van Ter Welle, over bewoners van een landgoed in Oost-Vlaanderen. Aarzelend wat ik daarover zou kunnen schrijven, begin ik aan het volgende boek op mijn stapel: het debuut Confituurwijk. Ik wist niet eens dat de schrijver Vlaams was, maar op de eerste bladzijde staat al expliciet dat het zich ook in Oost-Vlaanderen afspeelt! Daarom gaat dit artikel gaat het over deze twee boeken, die verder erg van elkaar verschillen.

Verder lezen

Wij en ik – Saskia de Coster

In één van de villa’s op de berg woont het gezin Vandersanden: moeder Mieke, vader Stefaan en dochter Sarah. In Wij en ik staan hun gedachten en herinneringen, dingen die ze nooit aan een ander mens zouden vertellen. Naar buiten toe zijn ze immers het ideale gezin. Stefaan is manager bij een farmaceutisch bedrijf en Mieke wijdt zich aan het onderhoud en de inrichting van hun enorme huis plus tuin.

Mieke en Stefaan waren al jaren getrouwd toen Sarah geboren werd. Voor Stefaan was het de ultieme bekroning op hun geluk, maar Mieke had getwijfeld. Toch doet ze haar uiterste best om Sarah netjes op te voeden. Die moet het minstens twee weken tevoren in de familie-agenda aangeven als ze een avond op stap wil en over de tijd van thuiskomst valt ook niet te twisten. Verder lezen

Het smelt – Lize Spit

De Vlaamse Eva krijgt een uitnodiging voor een bijeenkomst in het dorp van haar jeugd, op de boerderij waar ze zo vaak met Pim en Laurens speelde. Het is geen verjaardag, maar een feest om Jan te herdenken. Jan was de broer van Pim en hij is als tiener overleden. Onderweg naar het dorp komen bij Eva talloze herinneringen boven aan de zomer van 2002, toen ze dertien was. Dit begin roept meteen vragen bij me op:

  • Hoe is Jan overleden? Was het een ongeluk of toch niet?
  • Waardoor is de vriendschap tussen de drie jongeren beëindigd?
  • Waarom neemt Eva een groot blok ijs mee in haar achterbak?

Verder lezen

Gij nu – Griet Op de Beeck

Het boekenweekgeschenk werd door een heleboel mensen (vooral mannen) neergesabeld, maar mij deed het verlangen naar meer van Griet Op de Beeck. Haar eerste twee boeken bevielen me ook goed, dus ik besloot haar derde uit de bibliotheek te lenen. Gij nu bestaat uit vijftien korte verhalen van rond de twintig bladzijden, elk ingedeeld in vier of vijf hoofdstukjes. De eerste zin is vaak al genoeg om me nieuwsgierig te maken; zo heb ik het graag!

In elk verhaal doet de hoofdpersoon iets in een impuls, zonder er lang over na te denken of bij de consequenties stil te staan. Soms gebeuren er ongelukken, andere keren wordt juist iets voorkomen. Een enkele keer besluit de hoofdpersoon om niets te doen, terwijl dat niet de meest voor de hand liggende keuze is. Een ander motief is de dood, die in allerlei vormen een rol speelt.

Bijzonder vind ik het verhaal van Dennis, die op zijn verjaardag wordt opgebeld dat er een donorhart voor hem beschikbaar is. Verder lezen

Het boekenweekgeschenk van 2018

Het boekenweekgeschenk van vorig jaar (door Herman Koch) staat nog op mijn plankje met te lezen boeken, maar naar die van dit jaar heb ik uitgekeken, dus ik heb hem zaterdag meteen aangeschaft. Er wordt veel van Griet Op de Beeck gehouden en ik hoop dat dat voldoende opweegt tegen het commentaar dat ze af en toe te verduren krijgt. Gisteren zag ik al wat negatieve geluiden voorbijkomen op twitter, maar ik ben het daar totaal niet mee eens.

Gezien de feiten begint al ijzersterk, met de beschrijving van het samenzijn na de begrafenis van Ludo. Verder lezen

De winnaar van de ECI Literatuurprijs

Wekenlang hadden we uitgekeken naar deze donderdag, want eindelijk zouden we als lezersjury de winnaar van de lezersprijs kiezen én we zouden van de vakjury horen wie zij tot winnaar van de ECI Literatuurprijs 2017 hadden gekozen. We hadden alle boeken van de shortlist gelezen. Via sociale media was er al uitgewisseld wat we ervan vonden. Verschillende favorieten werden genoemd. Het was duidelijk dat smaken verschillen, maar ook dat we zes goede boeken voorgeschoteld hadden gekregen. Mijn favoriet was Halleluja van Annelies Verbeke. Wat zou het leuk zijn als deze verhalenbundel de prijs zou krijgen…

Die donderdag togen we dus naar Den Haag. Ik kampte met opkomende hoofdpijn en probeerde om deze dag toch zo lang mogelijk mee te maken door veel paracetamol te nemen. Dat lukte aardig. In de centrale bibliotheek aan het Spui zagen we elkaar weer. Er waren inmiddels veel bekende gezichten bij door de vorige bijeenkomst, maar ook door twitter en de filmpjes van Koffietijd. De Vlamingen en Nederlanders werden elk naar een andere kant van de tribune gedirigeerd. Wilde men zo de discussie wat opstoken?

Verder lezen