Wendy gaat bij haar oma logeren, die in een groot oud huis woont, met zo’n ouderwetse zolder waar je eindeloos kunt snuffelen om kleren en andere oude spullen te ontdekken. Op die zolder vindt ze de ideale jurk voor een jaren-vijftig-feestje. Er is ook een enveloptasje bij, waarin een oude kaart zit. Ze weet niet dat haar oma die er bewust in heeft gestopt, omdat ze nu eindelijk het geheim wil vertellen waar ze al zoveel jaren mee rondloopt. Het gaat over een verboden liefde, die ze had terwijl haar man maanden lang in Nieuw-Guinea zat om onderzoek te doen naar bijzondere vogels.
literatuur
De stad van de alchemist – Natalie Koch
Op dit boek verheugde ik me zo enorm dat ik het speciaal heb bewaard voor in een vakantie. De eerste twee delen van De verborgen universiteit waren enorme pageturners, dus ik wil de tijd hebben om hier helemaal in te duiken. Om één of andere reden werd het niet de kerstvakantie en na tien maanden laat mijn geheugen me een beetje in de steek… Gelukkig is er een korte samenvatting van wat er ook alweer was gebeurd en in het begin verweeft Natalie Koch heel kunstig een aantal herinneringen in het verhaal. Ook helpt het om mijn eigen blogartikelen van deel één en twee na te lezen. Toch ga ik maar langzaam door het eerste stuk van dit boek heen. Hoofdpersoon Alexa wordt ontvoerd en zit een paar dagen vast, maar het lijkt wel weken. Als ze ontsnapt komt er eindelijk weer een beetje vaart in het verhaal, maar de uitgebreide beschrijvingen maken het niet vlotter.
En het sneeuwde in Rome – Stefan van Dierendonck
De debuutroman van Stefan van Dierendonck vond ik erg goed. Daarom leen ik zijn tweede boek van de bibliotheek zodra het er is. En het sneeuwde in Rome is nog autobiografischer dan En het regende brood. Waar Stefan in het eerste boek nog voor een alter ego koos, net als hij een priester met glutenallergie, laat hij zichzelf in het tweede boek helemaal samenvallen met de hoofdpersoon. Bovendien zijn er kleine stukjes die zich in het heden afspelen, waarbij hij soms reflecteert op wat hij net heeft geschreven over vijftien jaar geleden.
In het jubeljaar 2000 is Stefan als jonge priester naar Rome gestuurd door zijn bisschop, om daar te gaan studeren. Verder lezen
Een sterke man – Renate Dorrestein
Al jarenlang neem ik op vakantie een boek van Renate Dorrestein mee. Ik heb al zoveel van haar gelezen (17 boeken) dat ik er blind op kan vertrouwen dat ik me er goed mee zal vermaken. Dit jaar koos ik voor een redelijk oud boek: Een sterke man is voor het eerst verschenen in 1994. Het speelt zich af op Kerrimagannagh, een afgelegen landgoed in Ierland. Daar woont Stephen met zijn vrouw en zoon. Kunstenaars kunnen een uitnodiging krijgen om er een paar maanden te komen werken, totaal afgesloten van de buitenwereld. En wellicht inspireren ze elkaar wel. Het is in elk geval een grote eer om door Stephen te worden uitverkozen. Hij noemt zichzelf de conciërge, maar ondertussen bepaalt hij wie er komt en gaat. De kunstenaars en Stephens gezin vormen bij elkaar een bont gezelschap.
Kanonnenvlees – Lotte Dodion
Soms ga ik naar een kunsttentoonstelling in een museum. Meestal speur ik dan de zalen af naar werken die me aanspreken. Ik bekijk het meeste vluchtig en sta stil bij dat ene schilderij dat me raakt, om er een tijdje met volle teugen van te genieten. Bij de poëzie van Lotte Dodion benader ik ook zo. Niet alles doet me wat en niet elk thema boeit me. Veel begrijp ik niet; ook daarin lijkt het op beeldende kunst. Verder lezen
De gedaanteverwisseling – Franz Kafka
Voor mijn leeskring begon ik aan Tender is the night van F. Scott Fitzgerald, die vooral bekend is van The great Gatsby. Ik kwam er maar zeer moeizaam doorheen en hoopte stiekem dat degene die het had gekozen er vanaf zou zien… en ja hoor, twee weken voor de afgesproken datum kwam er een e-mail dat ze er niet doorkwam en ook anderen bekenden dat het niet lukte. Omdat er niet zoveel tijd meer was, besloten we een dun boek te kiezen, in de verwachting dat toch niet iedereen het zou gaan lezen. Dan hadden we toch een goede smoes om bij elkaar te komen en gezellig te kletsen (want daar gaat een boekenclub toch ook om!)
De gedaanteverwisseling is een verhaal van Franz Kafka. Ik denk dat iedereen weleens heeft gehoord van zijn boek Het proces, maar wie heeft het echt gelezen? Verder lezen
Het parfum – Patrick Süskind
In de achttiende eeuw leefde in Frankrijk een man met een bijzonder goede neus. Jean-Baptiste Grenouille werd geboren uit een viswijf dat hem onder de viskraam liet liggen, net als haar andere vier kinderen, die dit niet overleefden. Maar deze baby gaf een schreeuw en werd naar het klooster gebracht. Hij versleet diverse minnen, waarvan de laatste pas kon duiden wat haar niet beviel: het kind had geen geur… Zo begint dit sprookjesachtige verhaal van Patrick Süskind. Het werd voor het eerst uitgegeven in 1985 en is inmiddels zo bekend dat ik het wel een klassieker kan noemen. Ik verwachtte er dan ook heel wat van.

De stad en de tijd – Jonathan Robijn
Brussel is een beetje zoals West-Berlijn vroeger: een hoofdstad waar vooral Frans wordt gesproken terwijl in de omringende plaatsen het Nederlands de voertaal is. Deze bijzondere stad speelt de hoofdrol in De stad en de tijd. Het boek start ten tijde van de Wereldtentoonstelling in 1958, met het Atomium. In elk hoofdstuk speelt een andere Brusselaar de hoofdrol en ondertussen verstrijkt de tijd. Zo zijn er negen verhalen van elk dertig bladzijden.
Het start met de eigenaar van een parfumzaak. Zijn dochter komt haar grote liefde tegen, een Fransman. Dat is wel even slikken voor de Nederlandstalige familie, maar de man blijkt een uitstekende opvolger voor de parfumerie. De zaak is beroemd vanwege de bijzondere parfums en de eigenaar kan ruiken wat iemand nodig heeft. De dochters kunnen dat niet, maar de schoonzoon wel. Deze parfums duiken nog een paar keer op in andere hoofdstukken. Verder lezen
Leesreis door de provincies: Zeeland
Bij Zeeland denk ik aan de eilanden, de zee en de Deltawerken. Als kind bracht ik al eens een bezoek aan de imposante Oosterscheldekering en hoorde ik de verhalen over de grote watersnoodramp van 1953. Maar hoe was het nu echt voor die mensen? Om je in te leven is een roman toch de beste manier. In De verdronkene gaat Lidy uit Amsterdam naar Zeeland op 31 januari 1953. Ze gaat in plaats van haar zus Armanda naar de verjaardag van diens petekind. Armanda wil liever naar een feestje van een vriendin en Lidy heeft wel zin in een reisje met de auto. Toevallig is Lidy getrouwd met de halfbroer van die vriendin (hier moest ik ook even op puzzelen) en dus gaat Armanda met haar zwager Sjoerd naar het feestje. Daar hebben Armanda en Sjoerd het wel erg gezellig… niet wetend welk onheil ondertussen op Lidy afkomt.

In afwisselende hoofdstukken wordt het verhaal van de zussen Lidy en Armanda verteld. Het leven van Armanda gaat door, terwijl de laatste dagen van Lidy uitgebreid worden beschreven. Verder lezen
Malva – Hagar Peeters
Zowel voor de twitterleesclub als voor mijn leesclub in het echte leven staat Malva op de agenda. Schrijver Hagar Peeters heeft al een paar gedichtenbundels op haar naam staan. In deze roman zal dus vast ook wel wat poëzie doorsijpelen. Bovendien is de hoofdrol weggelegd voor de dochter van de beroemde dichter Pablo Neruda. Zij werd maar acht jaar oud, doordat ze een waterhoofd had. Tegenwoordig kan dat worden verholpen door het teveel aan hersenvocht via een drain af te voeren, maar in de jaren dertig was dat nog niet mogelijk.