De eik was hier – Bibi Dumon Tak

Waarom vinden mensen snelheid beter dan stilstaan? Dat vraagt de eik zich af die al 180 jaar op dezelfde plek staat. Tegenwoordig razen auto’s aan twee kanten langs hem heen, want er is een snelweg aangelegd en de oude eik is de enige boom die mocht blijven staan, in de middenberm van de A58. Soms staan de auto’s ook stil, in de file, en dan hoort de boom flarden van gesprekken. En er is een gaai die regelmatig langskomt om met de boom te kletsen.

De eik was hier is het kinderboek bij de maand van de filosofie. Het leest makkelijk, maar stiekem heeft Bibi Dumon Tak er heel wat filosofische gedachten in gestopt. De oude boom vertelt aan de gaai over zijn leven: eerst tussen de weilanden, toen tijdens twee wereldoorlogen en daarna kwam de snelweg. De gaai is nog jong en hij zal niet ouder dan een jaar of tien worden. De eik heeft zijn opa-opa-opa nog goed gekend. De tegenstellingen komen mooi uit de verf: oud of jong, hollen of stilstaan, langzaam of snel leven.

Verder lezen

Het boekenweekgeschenk van 2021

Hanna Bervoets is één van de jongste boekenweekgeschenkschrijvers ooit, in leeftijd tenminste. Ze heeft al een hele stapel romans en columnbundels geschreven, die ik op één na allemaal gelezen heb. Voor de boekenweek kocht ik Hanna’s kersverse eerste verhalenbundel en daarbij kreeg ik Wat wij zagen cadeau van de boekhandel.

Hanna kijkt als een antropoloog naar de wereld om zich heen. Ze schrijft vaak over nieuwe technologische ontwikkelingen die veel invloed hebben op ons leven. Ook deze keer heeft ze een actueel thema te pakken dat ik nog niet eerder tegenkwam in de literatuur. Hoofdpersoon Kayleigh werkt als moderator bij een online platform. Ze moet beoordelen of ze gerapporteerde teksten, foto’s en filmpjes verwijdert of dat ze mogen blijven staan. Dat gebeurt volgens een strak protocol dat regelmatig wordt bijgewerkt. De werknemers worden continu beoordeeld op hoeveel tickets ze verwerken en hoe goed ze zich aan de voorschriften houden.

Verder lezen

Kraaien in het paradijs – Ellen de Bruin

Binnen amper drie dagen heb ik Kraaien in het paradijs uitgelezen, maar ik ben er nog niet klaar mee. Ik begin weer bij de eerste bladzijde, waarop binnen een paar zinnen de onheilspellende sfeer voelbaar is. De puzzelstukjes die Ellen de Bruin één voor één aanreikte, in precies het juiste tempo, zijn al op hun plek gevallen. Nu ik niet meer hoef te puzzelen, kan ik nog meer genieten van de prachtige beschrijvingen en ik ontdek nog allerlei toffe details.

Lipa woont op een klein eiland. Ze droomt ervan om te ontsnappen. Het paradijselijke is er allang vanaf: alle landdieren zijn uitgestorven en er zijn nog maar twintig soorten planten. De vijf overgebleven eilanders houden zich in leven met drie soorten groenten, gekookte bladeren, vissen en zeeslakken. Toeristen komen er al jaren niet meer. Maar gisteren is er een vreemdeling met de veerboot meegekomen en Lipa ziet haar kans schoon. Ze moet hem overtuigen om haar mee te nemen.

Verder lezen

Let op mijn woorden – Griet Op de Beeck

Meteen op de eerste bladzijde van Let op mijn woorden signaleer ik de eerste rake zinnen, als Lise haar vader observeert die net als zij niet kan slapen:

Ze vroeg zich af waarom hij de lamp niet had aangestoken. Waarom hij naar buiten keek terwijl er niks te zien viel. Of hij nadacht over iets moois of iets vervelends, over iets wat verschoof of iets wat bleef. Of hij nog droomde en waarvan dan. Hoe hij vroeger was geweest.

Zo’n opsomming gebruikt Griet Op de Beeck wel vaker, maar niet te vaak. Ook de thematiek is niet nieuw: het gaat weer over een disfunctioneel gezin. Lise is vijftien en balanceert tussen haar ouders, probeert de boel bij elkaar te houden als haar vader weer eens een dronken bui heeft. Of als haar moeder aandacht wil omdat ze zichzelf zielig of juist geweldig vindt. Lises broertje David vlucht zo vaak hij kan naar vriendjes, terwijl Lise zich verantwoordelijk voelt. Ze moet haar familie ook wel koesteren, want de twee vriendinnen die ze had hebben de vriendschap onlangs verbroken.

Verder lezen

Geef mij een wonder – Alexis de Roode

Alexis de Roode behoort tot mijn favoriete dichters. Zijn debuut Geef mij een wonder vind ik iets minder treffend dan zijn latere werk, maar er is genoeg moois in te vinden. Diverse thema’s komen hier al in voor die in latere bundels een grotere rol krijgen: sprookjes, dierenleed, natuur.

De natuurgedichten vind ik het mooiste. Mijn favoriete gedicht uit deze bundel heet Winterslaap en gaat over een standbeeld in een park. Ik moet daarbij denken aan het beeld van koningin Wilhelmina in het Wilhelminapark in Utrecht. Het is een massief beeld, want ze draagt een grote winterjas.

Verder lezen

Ik ga leven – Lale Gül

Verhalen over mensen die in een religieuze gemeenschap leven hebben me altijd geboeid. In Nederland zijn er talloze schrijvers die hebben verteld over hun christelijke opvoeding, maar over moslims is nog maar weinig geschreven. Daarom stond Ik ga leven al een tijd op mijn verlanglijstje. Lale Gül heeft haar debuut gebaseerd op haar eigen jeugd in een orthodox-islamitisch Turks gezin. Toen ze veel aandacht kreeg vanwege bedreigingen, kon ik mijn nieuwsgierigheid niet langer bedwingen en kocht het boek.

Het kan haar allemaal aan haar anus oxideren.

Het eerste wat opvalt is de wonderlijke schrijfstijl. Lale gebruikt veel moeilijke woorden en breit regelmatig ellenlange zinnen, om even later grof taalgebruik te bezigen. Ik vraag me af of ik hier wel doorheen ga komen, maar het went wel en ik vind haar observaties interessant. Gelukkig schrijft ze niet continu zo ingewikkeld. Ik vermoed dat de redacteur het wel zwaar heeft gehad hiermee. Verderop in het boek is hier en daar nog een fout voorzetsel blijven staan.

Verder lezen

Het verstoorde leven – Etty Hillesum

Etty Hillesum stond al tijden op mijn verlanglijstje. Ooit had ik al in de bibliotheek een paar regels uit haar dagboek gelezen en dat sprak me niet direct aan. Maar ze bleef me trekken, deze jonge vrouw die tijdens de Tweede Wereldoorlog haar gedachten op papier zette. Een soort Anne Frank, maar dan twee keer zo oud. Naast een aantal dagboekschriften zijn er ook brieven van haar bewaard gebleven. J.G. Gaarlandt heeft er een selectie uit gemaakt en er een inleiding bij geschreven voor Het verstoorde leven.

Die inleiding lees ik wat vluchtiger door, want ik wil lezen wat Etty zelf geschreven heeft. Dat was niet voor publicatie bedoeld. Er zit veel herhaling in en ook verwijzingen naar situaties of mensen die verder niet worden uitgelegd. Er zijn wel voetnoten toegevoegd bij de namen die ze noemt, maar dat verheldert weinig. Maar nu ik dit boek eindelijk aan aan dit boek begonnen ben, wil ik het niet zomaar opgeven. Af en toe zijn er diepe inzichten die interessant genoeg zijn om door te lezen.

Verder lezen

Dummie de mummie – Tosca Menten

In 1993 haalde het Jeugdjournaal een geweldige 1-aprilgrap uit: talloze mensen geloofden dat het hart van een mummie in het Rijksmuseum voor Oudheden opnieuw was gaan kloppen. Misschien is Tosca Menten hierdoor geïnspireerd geraakt voor haar populaire kinderboekenserie over een kindermummie die tot leven komt. Dummie de mummie en de gouden scarabee is het eerste deel.

Het begint met twee kort hoofdstukken over het zoontje van de farao dat gaat overlijden en het ongeluk van een vrachtwagen die drie mummies vervoert van het ene museum naar het andere. Daarbij slaat de bliksem in de gouden scarabee van de kindermummie, die daardoor tot leven komt en wegrent. Dan verspringt het perspectief naar Goos. Hij krijgt de schrik van zijn leven als hij een mummie in zijn bed vindt.

Goos en zijn vader Klaas besluiten eerst om de mummie verborgen te houden, want anders zal hij door allerlei wetenschappers onderzocht worden en dat vinden ze zielig. Ze noemen hem Dummie, want dat zijn de eerste zes letters van zijn namen. Ze leren hem Nederlands spreken, dat gaat razendsnel, het is mij iets te snel. Al gauw verveelt Dummie zich enorm, terwijl hij vreselijk energiek is. Dus gaat Dummie met Goos mee naar school, met de smoes dat hij een neef uit Egypte is met brandwonden.

Verder lezen

Colombe – Christine Van den Hove

In 1838 werden in een klein Frans dorp twee meisjes geboren op precies dezelfde dag. Schaapherder Michel hoorde eerst gehuil vanuit het huis van een jong stel, dat hun eerste kindje Colombe noemde. Even later klonk het gekrijs van een baby uit het huis van de Spaanse bakker, waar Amparo net ter wereld was gekomen. In het dorp fluisterden de mensen dat de schaapherder met één van de twee zou trouwen, ook al was hij twintig jaar ouder. De meisjes zelf gingen het haast geloven.

Christine Van den Hove debuteert met deze mooie roman, maar haar schrijfstijl is al goed ontwikkeld. De zinnen zijn kort en er zijn geen uitgebreide omschrijvingen, wat goed past bij de zwijgzame personages. Toch zie ik het dorp en het gehucht waar de herder woont zo voor me, met de bakkerij, wat huizen, een klooster en een kerkje in een bergachtige landschap bij de grens met Spanje.

Verder lezen

Pier en oceaan – Oek de Jong

Als het in een boek over Nederland in de jaren vijftig gaat, geeft dat me vaak een nostalgisch gevoel. Er komen dan beelden op van toen ik als kind bij mijn opa en oma was, die geen televisie maar wel een kolenhok, een petroleumstel en een trekbel hadden. Aan het begin van het dikke, autobiografische Pier en oceaan weet Oek de Jong de sfeer van toen meteen op te roepen, met het gerinkel van melkflessen in de straat. Maar ook het beklemmende gevoel is er direct, want Dina is zwanger geraakt terwijl ze nog niet is getrouwd met Lieuwe. Ze hebben al zeven jaar verkering en plannen om te trouwen zodra hij zijn dienstplicht heeft vervuld. En toch is het een schande dat ze nu in verwachting is. Dina voelt zich diep ongelukkig.

Het perspectief blijft nog een tijd bij Dina, totdat haar zoon Abel oud genoeg is om herinneringen te hebben. Hij is de hoofdpersoon van het boek. Maar eerst gaat het nog over Dina’s geheime liefde Elena. Hun gevoelens zijn sterk, maar Dina wil kinderen en kiest toch voor haar verloofde. Dat geworstel met emoties komt later in alle hevigheid terug in Abels tienertijd.

Abel groeit op midden in de natuur. Hij vindt het heerlijk om naar de kikkertjes te kijken in de sloot waar hij later met een polsstok overheen springt. Met opa gaat hij zeilen op de Friese meren. Als het gezin naar Zeeland verhuist, gaat Abel vaak zwemmen in de Oosterschelde. Later rijdt hij op zijn brommer door de weilanden en gaat mee varen met een vriend. De natuurbeschrijvingen blijven prachtig.

Verder lezen