Pearl en haar zusje May groeien op in een welgesteld gezin in Sjanghai in de jaren dertig. Het ontbreekt ze aan niets, maar ze verdienen ook nog wat zakgeld als kalendermeisjes door te poseren voor een schilder van reclames. Hun makkelijke leventje wordt ruw onderbroken als de oorlog tussen China en Japan uitbreekt en dan blijkt dat hun vader al zijn geld heeft verloren met gokken. Om wat geld te verdienen heeft hij de meiden uitgehuwelijkt aan twee Chinese Amerikanen, zoons van een zakenman. Het is de bedoeling dat de zussen de jongens achterna reizen, al hadden ze zelf altijd gedroomd van een huwelijk uit liefde. Ze bedenken hoe ze aan deze huwelijken kunnen ontsnappen, totdat ze beseffen dat Sjanghai vanwege de oorlog voor niemand meer veilig is.
Prometheus
Gij nu – Griet Op de Beeck
Het boekenweekgeschenk werd door een heleboel mensen (vooral mannen) neergesabeld, maar mij deed het verlangen naar meer van Griet Op de Beeck. Haar eerste twee boeken bevielen me ook goed, dus ik besloot haar derde uit de bibliotheek te lenen. Gij nu bestaat uit vijftien korte verhalen van rond de twintig bladzijden, elk ingedeeld in vier of vijf hoofdstukjes. De eerste zin is vaak al genoeg om me nieuwsgierig te maken; zo heb ik het graag!
In elk verhaal doet de hoofdpersoon iets in een impuls, zonder er lang over na te denken of bij de consequenties stil te staan. Soms gebeuren er ongelukken, andere keren wordt juist iets voorkomen. Een enkele keer besluit de hoofdpersoon om niets te doen, terwijl dat niet de meest voor de hand liggende keuze is. Een ander motief is de dood, die in allerlei vormen een rol speelt.
Bijzonder vind ik het verhaal van Dennis, die op zijn verjaardag wordt opgebeld dat er een donorhart voor hem beschikbaar is. Verder lezen
Mensen op Mars – Joris van Casteren
Het boek Mensen op Mars zag ik al een paar keer in de bibliotheek voordat ik besloot om het te lenen, want het bleef me aantrekken. In tegenstelling tot veel science-fiction-boeken is dit non-fictie, want het gaat over mensen die écht naar Mars willen. Er zijn verschillende organisaties die hieraan werken: niet alleen de bekende NASA en ESA, maar ook een paar particuliere clubjes. Misschien ken je Elon Musk, de man van de Tesla, die plannen heeft om naar Mars te gaan. Maar in dit boek ligt de focus op een Nederlands initiatief: Mars One.

Joris van Casteren heeft een typische schrijfstijl. Van elke persoon die hij ontmoet beschrijft hij hoe diegene eruitziet. Ik vind dat vaak een beetje denigrerend overkomen, alsof hij die mensen niet helemaal serieus neemt. Misschien doet hij het wel om de lezer te helpen de vele namen uit elkaar te houden, maar het duizelt me af en toe toch. In het begin van het boek ben ik nog gretig. Wat bezielt die mensen? Waarom wil iemand zeven maanden in een capsule gaan zitten om in een afgesloten ruimte op Mars te gaan leven? Het idee van Mars One is dat veel kosten bespaard kunnen worden doordat de mensen nooit meer naar de aarde zullen terugkeren. Wat zijn dat voor types, die dat wel zien zitten?
Het parfum – Patrick Süskind
In de achttiende eeuw leefde in Frankrijk een man met een bijzonder goede neus. Jean-Baptiste Grenouille werd geboren uit een viswijf dat hem onder de viskraam liet liggen, net als haar andere vier kinderen, die dit niet overleefden. Maar deze baby gaf een schreeuw en werd naar het klooster gebracht. Hij versleet diverse minnen, waarvan de laatste pas kon duiden wat haar niet beviel: het kind had geen geur… Zo begint dit sprookjesachtige verhaal van Patrick Süskind. Het werd voor het eerst uitgegeven in 1985 en is inmiddels zo bekend dat ik het wel een klassieker kan noemen. Ik verwachtte er dan ook heel wat van.

X&Y – Franca Treur
Na twee romans kwam Franca Treur met een verhalenbundel. Haar eerste roman kreeg veel aandacht en werd verfilmd. Haar tweede roman viel een beetje tegen, maar met deze verhaaltjes zet ze zich weer op de kaart: het boekje werd door de NRC verkozen tot één van de mooiste boeken van de eerste helft van 2016. Ik was nieuwsgierig en besloot X&Y uit de bibliotheek te halen.

Het boek heeft een klein, handzaam formaat. De verhalen zijn hoogstens twee kleine bladzijden lang, wat ik een perfecte lengte vind. Als je een leesdipje hebt, start dan met één (of een paar) van deze verhaaltjes, dan ben je op gang en kan je je daarna in een roman storten. Olivia Ettema heeft het opgefleurd met tekeningen, die goed passen bij de inhoud en de sfeer van de verhalen.
Elegant als een egel – Muriel Barbery
Bij mijn vijfde poll kreeg Elegant als een egel van Muriel Barbery de meeste stemmen. Vlak daarna schreef Bettina op haar blog over dit boek en daarin waarschuwde ze voor een taaie start. Ik zag er wel een beetje tegenop om te beginnen, maar wilde dit boek graag uitlezen, omdat het uit de poll was gekomen.
Het begint met een filosofische verhandeling door conciërge Renée Michel. Ze beheert een chic appartementencomplex en neemt aan dat de rijkelui een bepaald beeld hebben van conciërges, waar zij aan probeert te voldoen. Maar stiekem leest ze liever Russische literatuur en boeken over filosofie dan dat ze platte televisieshows kijkt. De hoofdstukken worden afgewisseld tussen mevrouw Michel en de twaalfjarige Paloma. Zij woont ook in het complex, met haar ouders en haar zus. Ze is hoogbegaafd en daardoor filosofeert ze er net zo op los als de conciërge, maar dan over de zin van het leven. Verder lezen
Zorg – Miquel Bulnes
Toen ik nog bij het UMC Utrecht werkte, net als Miquel Bulnes, las ik al eens een boek van hem: Attaque! Niet dat ik hem ooit ben tegengekomen, maar het is altijd leuk als een boek speelt in een omgeving die je kent. Alhoewel, ik zit vooral achter de computer te rekenen aan zorgdata. Mij moet je niet in de operatiekamer neerzetten, maar de medische wereld heeft me altijd mateloos geboeid. Daarom nam ik spontaan het boek Zorg mee uit de bieb. Hierin kruip je in de huid van een assistent-chirurg in opleiding. In het begin moet ik even wennen aan de je-vorm waarin het boek is geschreven, maar al snel valt dat me niet meer op.
De parttime-junkie – Renee Kelder
Renee Kelder was zes jaar lang verslaafd aan onder andere GHB en alcohol. In De parttime-junkie vertelt ze hoe ze verslaafd werd en hoe ze weer van de drugs af kwam. Het begint bij haar jeugd in een heel normaal gezin waar literatuur en cultuur hoog in het vaandel stonden. Zus Eva speelt ook een belangrijke rol. Omdat Eva’s debuut Het leek stiller dan het was mijn lievelingsboek is, wilde ik De parttime-junkie ook heel graag lezen.
De scheiding van hun ouders was een heftige gebeurtenis in het leven van de zusjes. Renee was toen dertien jaar en Eva achttien. Daardoor heeft Renee zich verwaarloosd gevoeld in haar puberteit en ze ontwikkelde een angststoornis. Ook kwam ze al jong in aanraking met alcohol en XTC. Als negentienjarige student kreeg Renee GHB van vrienden en ze vond het heerlijk: haar onzekerheid was weg en het was veel makkelijker om een spontaan gesprek te voeren. Ook andere drugs zoals coke waren heel normaal in deze nieuwe vriendenkring.
Leesreis om de wereld: Estland
Vroeger leefden de inwoners van Estland in het bos, dat ze op hun duimpje kenden. Door middel van slangentaal konden ze met slangen praten en andere dieren opdrachten geven, zodat ze niet bang hoefden te zijn. Maar nu zijn bijna alle mensen naar het dorp verhuisd. Leemet is één van de laatsten die nog in het bos opgroeit. Van zijn oom leert hij de slangentaal en hij raakt bevriend met de adders. Aan het begin van De man die de taal van de slangen sprak is Leemet zes jaar. Samen met zijn vriend Pärtel en zijn addervriend Ints speelt hij de hele dag in het bos en als hij ’s avonds thuiskomt heeft z’n moeder een eland of een haas gebraden. Brood eten is iets voor dorpelingen. Waarom zou je al die moeite doen om graan te verbouwen en brood te maken dat naar niets smaakt? Dan is het toch makkelijker om een eland met een sis naar je toe te roepen, zodat je hem rustig kunt slachten.
Vele hemels boven de zevende – Griet op de Beeck
Haar debuut stond al zo’n anderhalf jaar geleden op mijn leeslijst. Haar tweede boek werd in één klap beroemd toen het in De wereld draait door werd besproken. Dus toen ik mij voornam om mij dit jaar (onder andere) te focussen op Vlaamse literatuur, was het logisch om als eerste iets van Griet op de Beeck te gaan lezen.
In Vele hemels boven de zevende wordt het vertelperspectief afgewisseld tussen vijf personen. In het begin lijkt dat lastig, maar het went al snel. Vier familieleden van drie generaties en één vriend van de familie nemen me mee in hun gedachten. Ik moet uitkijken dat ik niet te vlot lees, want het boek staat boordevol mooie zinnen die de moeite waard zijn om er even bij stil te staan.

