Luuk is zestien. Zijn broer Marius zal nooit ouder worden dan veertien. Een half jaar geleden is hij overleden. En nu wil hun moeder de spullen van Marius verbranden, op de dag die zijn vijftiende verjaardag zou zijn geweest. Luuk mag kijken welke spullen hij van zijn broer wil bewaren, maar zijn moeder zegt dat hij af moet blijven van de persoonlijke spulletjes in het bureau. Luuk kijkt er toch in en vindt het dagboek van zijn broer. Hij besluit niet te lezen wat Maus geschreven heeft, maar schrijft verder op de eerste lege bladzijde.

