De wenteltrap – Karen Armstrong

Karen Armstrong heeft geen theologie gestudeerd, maar ze is wel bekend geworden met haar boeken over de grote religies. In De wenteltrap vertelt ze hoe haar leven is verlopen en hoe ze uiteindelijk schrijver werd. Het is een vervolg op Door de nauwe poort, dat gaat over de zeven jaren die ze als non in een zeer streng klooster doorbracht. Dat eindigt met de eerste weken na haar uittreding.

Sommige mensen in haar omgeving hadden de verwachting dat ze ontzettend opgelucht was, nu ze zich niet meer aan al die regels hoefde te houden. Maar hoe bouw je een leven op als je helemaal hebt afgeleerd om zelf na te denken? Studeren kon Karen wel, maar eigen gedachtes vormen lukte haar amper. Toch begon ze aan een proefschrift over een Engelse dichter.

Deze jaren werden bepaald door diverse psychiaters, waar Karen bij in therapie was. Ze viel namelijk regelmatig flauw, iets wat in het klooster was begonnen. De psychiaters, die in het boek als één persoon zijn voorgesteld, vertelden dat dit vast veroorzaakt werd door haar jeugd. De periode in het klooster werd totaal genegeerd. Karen was doodsbang dat ze zou eindigen in een gesloten inrichting, want ze boekte geen enkele voortgang. Ze bleef flauwvallen. En soms kon ze zich een paar uur niet meer herinneren, waardoor ze afspraken miste.

Verder lezen

De stem – Jessica Durlacher

De stem begint met het joodse huwelijk van Zelda en Bor in New York. Met hun drie kinderen gaan ze op dinsdagochtend vroeg naar de rabbijn, die in een wolkenkrabber woont. Ze staan op het dakterras en daar ziet één van de kinderen het als eerste: een vliegtuig is in één van de Twin Towers gevlogen, waar ze gisteren nog waren. Jessica Durlacher beschrijft de situatie alsof ze er zelf bij was. Het gezin vlucht door de straten vol stof en lichaamsdelen. Het is een vreselijke ervaring.

Dan springt het verhaal naar de toekomst. Zelda is in Israël op bezoek bij haar oudste zoon Philip. Ze kijken op de televisie naar de inauguratie van de eerste vrouwelijke president van de Verenigde Staten van Amerika. Een zangeres treedt op en het hele gezin herkent haar als hun vroegere oppas.

Verder lezen

Door de nauwe poort – Karen Armstrong

Op haar zeventiende ging Karen Armstrong het klooster in, met de bedoeling haar leven als non door te brengen. Na zeven jaar trad ze echter uit. Tien jaar later verscheen Through the narrow gate, waarin ze terugblikt op haar kloosterjaren. In het voorwoord uit 1994 vertelt ze dat ze tijdens het schrijven van dit boek dacht dat ze klaar was met religie. Maar nadat het verscheen, kreeg ze een uitnodiging van de BBC om een documentaire over Paulus te maken. Van het één kwam het ander, ze raakte geïnteresseerd in andere religies en verdiepte zich in de theologie. Dat resulteerde in fascinerende, originele boeken, waarvan ik er een paar met veel belangstelling heb gelezen.

Na het voorwoord begint Door de nauwe poort met Karens jeugd in een katholiek gezin. Ze zat op school bij de nonnen en kwam zo al vroeg in aanraking met het religieuze leven. Toch schrokken haar ouders toen ze aankondigde non te willen worden. Karen vond het moeilijk uit te leggen, maar haar ouders lieten haar gaan. Tegen een roeping van God kan je immers weinig doen.

Karen besloot in te treden bij de onderwijsorde van de zusters waar ze zelf bij op school had gezeten. ‘Het is wel een heel strenge orde,’ had het schoolhoofd zuster Katherine gewaarschuwd. Karen wist dat het moeilijk zou worden, maar ze was bereid om alles te geven om God te vinden. Hoe zwaar het werkelijk was, weet ze zich jaren later nog wonderlijk goed te herinneren. Karens intrede was in 1962, vlak voor het Tweede Vaticaans concilie dat veel zou veranderen in de Rooms-katholieke kerk. Ze was dus één van de laatsten die deze strenge opleiding kreeg.

Verder lezen

Onheilsdochter – Jean-Claude van Rijckeghem

Yrsa is een Vikingsdochter. Ze woont in een dorp met vijf huizen: Mimirs Krukje, genoemd naar de enorme steen waar volgens de overlevering een reus op uitrustte. Yrsa’s vader is de stuurman. Haar moeder is overleden en ze woont met haar stiefmoeder, broertjes en oma. In de andere huizen wonen haar ooms en neven. Op één van die neven, Nokki, is Yrsa stiekem verliefd. Ze zoenen weleens bij het boothuis. Maar oma Gudrun wil haar liever uithuwelijken aan een rijke jongen.

In het begin van Onheilsdochter is het opletten geblazen, want er worden veel namen genoemd. Jean-Claude van Rijckeghem beschrijft hoe de wereld van Yrsa eruitziet, klinkt, ruikt en voelt.

Verder lezen

Apostelkind – Renske Doorenspleet

Renske Doorenspleet leefde als kind in twee werelden: ze ging gewoon naar school, maar daar vertelde ze niemand dat zij en haar familie lid waren van het Apostolisch Genootschap. En als ze op zondag in haar nette jurk naar het Gebouw fietste, werd daar niet gesproken over wat mensen voor beroep uitoefenden. Toen ze 25 jaar was, stapte Renske uit het Genootschap. Als veertiger merkt ze dat ze het nog steeds niet helemaal heeft losgelaten. Regelmatig komen er nog liedteksten van vroeger naar boven. Wat is er eigenlijk allemaal gebeurd? En kloppen haar herinneringen wel? Ze gaat op onderzoek uit, in haar eigen archieven en andere bronnen, met het boek Apostelkind als resultaat.

Het Apostolisch Genootschap lijkt op het eerste gezicht op een kerk, met vieringen waarin gezongen en gepreekt wordt. De centrale figuur is de Apostel, een man die zichzelf als hedendaagse Christus ziet en die algehele overgave en gehoorzaamheid vraagt. De leden van het Genootschap zijn veel tijd kwijt aan hun lidmaatschap, want naast de zondagse diensten moet er worden geoefend met het koor en gewerkt aan grote theaterproducties. Die worden geregisseerd vanuit Bussum, waar de Apostel woont en Renske met haar ouders en zusje ook.

Verder lezen

Lotte Weeda – Maarten ’t Hart

Tot mijn verrassing kreeg een boek van Maarten ’t Hart de meeste stemmen in de afgelopen poll. Blijkbaar zijn er nog genoeg liefhebbers van zijn werk. Ik had wel zin om weer eens wat van hem te lezen. Zijn romans met natuurbeschrijvingen, bijbelcitaten en flauwe humor bevallen mij altijd wel.

Een titel die enkel uit een naam bestaat vind ik meestal nietszeggend, zo ook bij dit boek. Lotte Weeda is niet de hoofdpersoon, maar wel de aanleiding voor het verhaal. Ze is fotograaf en komt naar het dorpje Monward om de 200 bekendste inwoners te fotograferen. Daar wordt dan een boek van gemaakt, dat wel een aardige titel draagt: Sluitertijden. Ze heeft voor een ander dorp ook al een fotoboek gemaakt en een anonieme rijke Monwarder heeft Lotte de opdracht gegeven om dit ook voor Monward te doen.

Verder lezen

Leesreis om de wereld: Mali

Rond 1800 was Ségou in Mali al een grote stad. Daar woonde de Bambara-familie Traoré. De aarde wallen, het eerste van twee dikke boeken, gaat over drie generaties van deze uitgebreide familie.

In die tijd is slavernij nog aan de orde van de dag. Europeanen verschepen talloze Afrikaanse mensen, maar de Afrikanen zelf hebben ook slaven om hun land te bewerken. De buitenlanders nemen nieuwe godsdiensten mee. Er is een Traoré die met een christenvrouw trouwt. De islam krijgt steeds meer de overhand. De eerste Traoré die moslim wordt stuit op veel weerstand, maar hij zet door en gaat de Koran bestuderen in een andere stad. Daarvoor moet hij wel eerst Arabisch leren lezen. Ook andere zonen maken reizen.

Verder lezen

Buiten dienst – Anton Stolwijk

Op een avond fietst Anton Stolwijk langs de Josephkerk, waar hij in zijn jeugd kwam. Het is jaren geleden dat hij er binnen is geweest. De deur staat open en het orgel speelt. Blijkbaar gaan er nog steeds mensen heen. Terwijl Anton naar de bekende muziek luistert, komen herinneringen boven. Hij gaat die avond niet naar binnen, maar een week later wel. Zo komt hij erachter dat deze katholieke kerk binnenkort gaat sluiten. Journalist Anton besluit om deze laatste maanden van de kerk mee te maken. Wie zijn de laatste kerkgangers? Wat verdwijnt er door het verkopen van kerken, iets wat niet alleen in Alkmaar gebeurt?

De schrijver heeft ervoor gekozen om in Buiten dienst een aantal fictieve personages op te voeren, die wel gebaseerd zijn op echte mensen, maar niet één op één zijn terug te voeren. Een aantal bijpersonen worden wel met hun eigen naam genoemd. De kerkgangers zijn herkenbare types: Hans die keihard zingt in het koor, Hanny die allerlei praktische klussen doet, Bea die als één van de weinigen echt gelooft en niet alleen voor de gezelligheid naar de kerk komt. Ze zijn allemaal boven de zeventig jaar. Anton leert ze kennen door aan alle mogelijke activiteiten mee te doen, zoals zingen bij het koor en mee op pelgrimstocht naar Heiloo, op de fiets. Een paar keer schiet ik in de lach om hoe hij het allemaal beschrijft.

Verder lezen

Het paradijs ontvlucht – Adriënne Nijssen

Toen ik in een studentenflat woonde, had ik eens een huisgenoot die bij de Jehova’s Getuigen bleek te horen. Zelf bezocht ik in die tijd kerken van allerlei stromingen en ik vond het dan ook interessant om met deze jongen in gesprek te gaan. Wat mij opviel, was dat hij steeds in de wij-vorm sprak: ‘Wij vinden dit…’ Ik vroeg: ‘Maar wat vind jij er dan van, wat betekent het voor jou?’ Daar kwam geen antwoord op.

Dat Jehova’s Getuigen gepaste antwoorden moeten geven en niet zelf leren denken, vertelt ook Ingrid Keessen in Het paradijs ontvlucht. Ze groeide op in deze gesloten gemeenschap, trouwde en kreeg kinderen. Maar het ging niet goed met haar. Ingrid probeerde een paar keer zelfmoord te plegen en zocht uiteindelijk hulp in de reguliere geestelijke gezondheidszorg, iets waar de Getuigen nogal huiverig tegenover staan. Bij de groepstherapie kwam er een vrouw binnenlopen waar Ingrid verliefd op werd. Ze besloot het op te biechten aan de ouderlingen. Zo kon het niet langer: ze was lesbisch en wilde zichzelf worden. Ingrid werd uitgesloten en verloor alles wat ze had.

Verder lezen

Onorthodox – Deborah Feldman

Deborah Feldman is opgegroeid bij de Satmar, een grote chassidisch-joodse gemeenschap in New York. Als 23-jarige is ze daar weggegaan en in Onorthodox vertelt ze het waargebeurde verhaal van haar jeugd.

Devoiri woont bij haar opa en oma, want haar vader is zwakbegaafd en haar moeder is uit de gemeenschap gestapt. Daarmee is zij een uitzondering, want verder schikt iedereen zich in de strenge regels en gewoontes. Devoiri krijgt te horen dat de Holocaust een straf van God was, omdat de joden niet vroom genoeg leefden. Daarom proberen de chassieden zich zo goed mogelijk aan de regels uit de Thora en de Talmoed te houden. Het meest opvallend is de kleding: zwart-wit met een hoed voor de mannen, lange rokken en een pruik voor de vrouwen. Er wordt vooral Jiddisch gesproken en uiteraard moet het eten koosjer zijn. De cultuur wordt beeldend beschreven en de vertaling van Patricia Piolon is oké.

Verder lezen