Wij zijn licht – Gerda Blees

Na bundels van sterke verhalen en mooie gedichten (waar ik nog in bezig ben) is de eerste roman van Gerda Blees uitgekomen. Ze heeft dit boek gebaseerd op een nieuwsbericht over een woongroep, waarvan één van de leden is overleden en de anderen daarom zijn gearresteerd. Het verhaal begint in de nacht dat Elizabeth sterft en eindigt als de drie andere huisgenoten weer thuis zijn, waarbij twee van de drie aarzelen of ze hier willen blijven wonen. De structuur is opvallend: elk van de 25 hoofdstukken begint met ‘Wij zijn …’ en daarop kan van alles volgen: ‘Wij zijn de nacht’, ‘Wij zijn de plaats delict’, ‘Wij zijn de raadsvrouw’, ‘Wij zijn de slowjuicer’. Zo wisselt het perspectief steeds.

Verder lezen

Een heel bijzonder meisje – Anna van Praag

In Een heel bijzonder meisje kijkt Alicia terug op een geweldige periode in haar leven. Een aantal jaren achter elkaar ging ze elke zomer met haar ouders naar een Italiaans vakantie-eiland, waar veel andere gezinnen waren. Ze beschrijft het op een poëtische manier: de zon zakt in de zee en iedereen is gelukkig. Af en toe spreekt ze iemand toe in de jij-vorm, dat blijkt Sofía te zijn. Zij is het stralend middelpunt van de gemeenschap waar Alicia’s ouders bij horen. Gedurende het hele boek vraag ik me af wat het nu eigenlijk voor club is. Eerst denk ik dat het over een sekte gaat omdat er een duidelijke leider is, maar er lijken juist heel weinig regels te zijn. Het lijkt meer op een soort hippie-commune. Er worden veel feesten gehouden met drank en pillen, ook de jonge tieners doen mee. Maar er worden ook een soort psychologische confronterende gesprekken gevoerd, waarbij één van de leden op het podium met Sofía praat en de anderen toekijken.

een-heel-bijzonder-meisje

Verder lezen