Sommige mensen praten tegen hun huisdier of hun planten. De hoofdpersoon van Xerox praat tegen de printer op kantoor. Vanwege haar functie zit ze vlak naast hem. Fien Veldman introduceert dit echter een stuk subtieler dan ik nu doe. Ze begint met een schets van de grote stad, waarin afval een belangrijke rol speelt.
Alles wat ik passeer wordt uiteindelijk vuilnis. Het hangt er alleen van af wanneer je besluit dat iets waardeloos wordt. Als je het op een tijdlijn zet, zul je zien: niks, niks, niks, niks, niks, het uitvinden van het ding, het maken van het ding, het bestaan van het ding: het kopen, het gebruiken, de teloorgang van het ding, het weggooien van het ding, afval afval afval afval afval afval afval afval.
Later komt dit motief terug, als de hoofdpersoon in contact komt met een vuilnisman. Die heeft altijd al van deze baan gedroomd, ook al wilde zijn vader liever dat hij accountant zou worden. De vuilnisman heeft net als de hoofdpersoon een baan waar anderen op neerkijken, ook al beweren ze dat het heel belangrijk is.
Verder lezen
