De hemel boven Parijs – Bregje Hofstede

Veel boekbloggers hebben al lovende woorden over De hemel boven Parijs geschreven. Toch besloot ik pas om het te gaan lezen toen bekend werd dat we het morgenavond met de twitterleesclub gaan bespreken. Ik hoopte natuurlijk dat ik het ook geweldig zou vinden, al sprak de thematiek mij niet direct aan.

De hemel boven Parijs

Hoofdpersoon van dit boek is Olivier, professor in de kunstgeschiedenis in Parijs. Als de Nederlandse studente Sofie (afgekort tot Fie) bij hem college volgt, wordt hij door zijn baas gevraagd om extra goed op haar te passen, omdat ze de dochter is van een oude vriendin. Het toeval wil dat Fie sprekend lijkt op Mathilde, waar Olivier 25 jaar geleden een relatie mee had. Daardoor komen allerlei herinneringen naar boven, mooie maar ook pijnlijke. Hij besluit om daar niets mee te doen en probeert op een onopvallende manier een beetje extra aandacht aan Fie te geven. Verder lezen

Alle zeeën zijn geduldig – Ineke Riem

Op de middelbare school lazen we af en toe poëzie bij Nederlands, maar ik weet niet eens meer of ik weleens een hele bundel heb gelezen. Wat ik me wel goed kan herinneren is dat we allemaal een gedicht uit het hoofd moesten voordragen, wat best wel leuk was. De afgelopen jaren zag ik weleens besprekingen van gedichtenbundels en dan dacht ik steeds: ‘Poëzie ga ik wel weer lezen als ik ouder ben, dan heb ik daar hopelijk wat meer geduld voor.’

Alle zeeen zijn geduldig Verder lezen

Kinderen van het ruige land – Auke Hulst

In de proloog van Kinderen van het ruige land wordt Kai opgebeld door zijn moeder, die hem om geld vraagt. Ze zit in Frankrijk en heeft zich weer eens in de schulden gestoken. Mijn aandacht is getrokken: hoe is dat zo gekomen? Dat wordt verteld in de rest van het boek, dat gaat over het gezin dat in een Groningse boerderij woonde: broers Kurt en Kai, zussen Shirley Jane en Deedee en hun moeder. Hun vader was al jong overleden. Moeder is echter meer bezig met haar eigen leven dan met de opvoeding van haar kinderen. Soms lijkt dat wel leuk, want ze kunnen doen wat ze willen.

De jongens hebben veel fantasie en ze maken bijvoorbeeld plannen voor hun eigen ruimtevaartprogramma. Ze zitten uren te tekenen en als het ontwerp van de lanceerbasis klaar is, gaat moeder naar de bouwmarkt om beton en hout te halen. Welke moeder doet dat nou? Verder is de wildernis rondom de boerderij een geweldige plek om lekker te spelen en avonturen te beleven. Toch kom ik niet zo snel door het boek heen. Ongemerkt worden de jongens ouder, maar het is fragmentarisch geschreven. Bovendien heb ik wat moeite om me in te leven in jongens die stoer willen doen.

Kinderen van het ruige land Verder lezen

Een avond over Belcampo

Afgelopen donderdag was er een speciale avond over de schrijver Belcampo, vanwege de verfilming van zijn verhaal De surprise en de heruitgave van een aantal van zijn verhalen in een gelijknamige bundel. Eerder schreef ik al over waarom ik Belcampo zo geweldig vind en daarom besloot ik naar Amsterdam af te reizen om meer over hem te horen, al wist ik niet zo goed wat ik kon verwachten. De locatie was ook bijzonder; het was namelijk in café Belcampo, dat onderdeel uitmaakt van de nieuwste bibliotheek van Amsterdam. In een volgende blogpost zal ik meer van het café en de bieb laten zien.

2015-06-04 18.29.10 Verder lezen

Leesreis om de wereld: Estland

Vroeger leefden de inwoners van Estland in het bos, dat ze op hun duimpje kenden. Door middel van slangentaal konden ze met slangen praten en andere dieren opdrachten geven, zodat ze niet bang hoefden te zijn. Maar nu zijn bijna alle mensen naar het dorp verhuisd. Leemet is één van de laatsten die nog in het bos opgroeit. Van zijn oom leert hij de slangentaal en hij raakt bevriend met de adders. Aan het begin van De man die de taal van de slangen sprak is Leemet zes jaar. Samen met zijn vriend Pärtel en zijn addervriend Ints speelt hij de hele dag in het bos en als hij ’s avonds thuiskomt heeft z’n moeder een eland of een haas gebraden. Brood eten is iets voor dorpelingen. Waarom zou je al die moeite doen om graan te verbouwen en brood te maken dat naar niets smaakt? Dan is het toch makkelijker om een eland met een sis naar je toe te roepen, zodat je hem rustig kunt slachten.

IMG_0033 Verder lezen

The book of strange new things – Michel Faber

Uit duizenden sollicitanten is dominee Peter Leigh uitgekozen voor een speciale missie naar de planeet Oasis. Hij wordt uitgezonden door de organisatie USIC. Het doel van een basis op een andere planeet wordt niet duidelijk, maar Peter heeft vooral veel zin in dit buitenaardse avontuur. Voor een paar maanden zal hij zijn vrouw achterlaten in Engeland. Dat vindt hij wel moeilijk, want Peter en Beatrice zijn een hecht koppel en ze voeren pastorale gesprekken vaak samen.

The book of strange new things Verder lezen

Vurige tong – Ann de Craemer

Van mijn voornemen om meer Vlaamse boeken te lezen is nog weinig terecht gekomen. Na het prachtige Vele hemels boven de zevende begon ik aan Vloed van Roderik Six, maar dat was geen succes en ik las het niet uit. Nu wil ik mijn voornemen toch uitvoeren en daarom koos ik voor Vurige tong van Ann de Craemer, die net zo oud is als ik. Haar jeugd is echter heel anders verlopen.

Vurige_tong

In haar geboortedorp Tielt kreeg Ann het rooms-katholieke geloof met de paplepel ingegoten. Het eerste hoofdstuk gaat over haar tante die in het klooster ging, terwijl ze dat eigenlijk zelf niet wilde. Maar ze had het aan haar moeder beloofd op haar sterfbed. Onderdanig en trouw leefde ze tot haar dood als vrome non. Er zijn wel meer familieleden die moeite hadden met het geloof, maar om wille van de lieve vrede toch naar de kerk gingen. Pas in de generatie van Anns ouders begint dat te veranderen: haar vader ging met zijn dochters naar de kerk, terwijl haar moeder thuis bleef. Verder lezen

Alleen met de goden – Alex Boogers

Alex Boogers stond al langere tijd dikgedrukt op mijn boekenlijst, want ik had al veel positieve reacties op zijn werk gelezen. Daarom wilde ik graag zijn dikke nieuwe boek Alleen met de goden lezen, dat door sommigen aangekondigd werd als zijn magnum opus. Het is een autobiografisch getint coming-of-age-verhaal.

Alleen met de goden Alex Boogers

Aan het begin van het boek zit hoofdpersoon Aaron Bachman nog op de basisschool. Op een dag krijgt Aarons vader ruzie met een man die bij hen aan de deur komt. Hij wordt boos en slaat de man zo hard dat hij komt te overlijden. Aarons vader belandt in de gevangenis. Ze hadden het al niet zo breed thuis, maar nu stapelen de rekeningen zich op en het ene gat wordt met het andere gedicht. Aarons moeder is wanhopig en kookt niet meer voor haar zoon. Als hij durft te zeggen dat hij honger heeft, drukt ze hem weleens vijf euro in z’n hand voor een patatje. Aaron hangt veel op straat rond, bijvoorbeeld met zijn buurjongen Gerald. Die wordt gepest op school, omdat hij zwart is. Aaron vindt dat onbegrijpelijk en wil voor zijn vriend opkomen, terwijl Gerald liever niet terugvecht. Verder lezen

Zondagsgeld – Philip Snijder

Zondagsgeld speelt zich af in de jaren zestig op het Bickerseiland, een wijkje naast de Jordaan. De meeste huisjes worden bewoond door één familie, met opa en opoe als middelpunt. Het wordt op zo’n manier beschreven dat ik het helemaal voor me zie: de gracht vol afval, de tantes die op een kussentje op de vensterbank uit hun ramen hangen, de ooms die op hun vaste hoekje met elkaar staan te roken. Elke middag verzamelen de ooms en tantes en de neven en nichten van de jonge hoofdpersoon (zijn naam wordt niet genoemd) in het huisje van opa en opoe. Daar kakelt iedereen door elkaar in plat Amsterdams. Ook na het eten gaan de familieleden bij elkaar op bezoek.  Ze voelen zich net zo thuis bij een broer of zus als in hun eigen huis. Op zondag gaan de kinderen op bezoek bij een oom en tante waar ze bij hun geboorte aan gekoppeld zijn. Na een halfuurtje zitten mag je dan weer gaan, een gulden rijker: zondagsgeld.

Zondagsgeld Verder lezen

Too much happiness – Alice Munro

Alice Munro ontving zowel de Man Booker international prize als de Nobelprijs voor de Literatuur voor haar oeuvre. In dit boek komt een vrouwelijke wiskundige voor (dus een vakgenoot van mij), daarom wilde ik het graag lezen. Too much happiness (in het Nederlands: Te veel geluk) bevat tien verhalen van twintig tot zestig bladzijden lang. Dat is even wennen, want verhalen van die lengte lees ik niet vaak. Alice Munro steekt zelf de draak met verhalenbundels als de hoofdpersoon van het tweede verhaal een boek koopt:

How Are We To Live is the book’s title. A collection of short stories, not a novel. This in itself is a disappointment. It seems to diminish the book’s authority, making the author seem like somebody who is just hanging on to the gates of Literature, rather than safely settled inside.

De verhalen in deze bundel ervaar ik echter meer als ultrakorte romans dan als korte verhalen. Verder lezen