De Iraanse Arghavan heeft een kringloopwinkel in Amsterdam. Bij alles wat ze verkoopt, heeft ze een verhaal. De winkel heeft vaste bezoekers, zoals de vrolijke danseres Anna en fluitist Mees. Tegenover de winkel staan judasbomen, met hun paarse sluiers. In De hemel is altijd paars staan veel mooie metaforen die over bomen gaan.

Arghavan vindt het niet altijd makkelijk om in Nederland te leven. Hoe zij denkt en doet sluit vaak niet aan bij anderen en dat maakt haar verlegen, vooral als ze twijfelt. Wat ze duidelijk observeert, durft ze soms wel te uiten, zoals hoe ze Nederlanders ziet:
Verder lezenJe moet werken, iedereen heeft het druk. Hoe drukker hoe beter. Je mag niet stilstaan, maar ondertussen vergeet je om te leven en te genieten van de simpele dingen.



