Zondag 1 november; er is een feestje in de bibliotheek, vanwege de tiende editie van Nederland leest. Elk jaar worden er gratis boeken uitgedeeld door alle Nederlandse openbare bibliotheken, zodat we met z’n allen hetzelfde boek lezen en onze leeservaringen kunnen uitwisselen. Om eerlijk te zijn heb ik nog maar één keer eerder meegedaan aan deze actie: in 2012 las ik De donkere kamer van Damokles, wat me helaas minder goed beviel dan andere boeken van W.F. Hermans. Maar dit jaar is het thema ‘korte verhalen’ en daar ben ik erg blij mee, dus op die eerste november fiets ik naar de bieb om de bundel op te halen.
Zeg maar dat we niet thuis zijn – Rashid Novaire
Een boek over een overledene die e-mails stuurt en zijn uitvaartondernemer, dat is een interessant en origineel thema! Zeg maar dat we niet thuis zijn start met een digitaal bericht van meneer Jahangir, die in een koelcel op zijn begrafenis wacht. De hoofdpersoon is Milan, die zijn laatste week als uitvaartbegeleider beleeft. Daarin ontmoet hij de familie Jahangir, die probeert hun vader in Iran te laten begraven. Zoon Afran beweert dat hij e-mails van zijn vader ontvangt en Milan zegt dat dat onmogelijk is. Helaas wordt dit niet verder uitgewerkt. De hoofdstukken over Milan worden wel afgewisseld met de berichten van meneer Jahangir, die probeert Milan te bereiken.
Lalagè leest binnenkort Vlaams (poll 4)
Aan het begin van dit jaar had ik me voorgenomen om meer Vlaams te lezen. De teller staat nu op vier boeken, dus daarom is het hoog tijd voor een inhaalslag. Helpen jullie mee kiezen wat het volgende Vlaamse boek wordt? De poll vind je onderaan dit artikel. Daar kan je eventueel ook in een reactie laten weten waarom je voor dit boek stemt. De poll blijft open tot en met 18 november.
Gestameld liedboek – Erwin Mortier (2011)
De moeder van Erwin Mortier lijdt aan alzheimer. Ze heeft geen wilsbeschikking gemaakt en geleidelijk wordt ze door de ziekte overmeesterd. De zoon heeft dit wrede proces vastgelegd in een boek dat veel verder reikt dan het ziekbed van zijn moeder. Gestameld liedboek is een rauwe en tegelijk tedere elegie over ouders en kinderen, liefhebben en verlies, over afscheid nemen en herinneren.
Leuk zeg doei – Hanna Bervoets

Ik lees zelden een krant. En als ik een krant lees, dan is het Trouw. Gelukkig zijn de columns die Hanna Bervoets voor Volkskrant Magazine schreef in boekvorm uitgekomen. Het voordeel daarvan is dat je er zomaar vijf achter elkaar kunt lezen. De stukjes in Leuk zeg doei zijn namelijk zo treffend en grappig dat ik het nooit bij eentje laat. Dat ze al een paar jaar oud zijn maakt niets uit, de meeste zijn nog hartstikke actueel.
De stad der blinden – José Saramago
Het stoplicht springt op groen, maar één auto trekt niet op. De andere toeteren, maar hij komt niet in beweging. Het portier gaat open: ‘Ik ben blind!’ De bestuurder ziet alleen nog maar wit licht. Hij wordt door een behulpzame stadsgenoot naar huis gereden. Maar als die de man thuis heeft gebracht en daarna besluit de auto mee te nemen, wordt hij ook plotseling blind. De blinden komen bij de oogarts en die wordt ook getroffen. Het lijkt wel een besmettelijke ziekte.
Kankerklas – Corien van Zweden
Corien van Zweden krijgt de diagnose borstkanker als ze 47 jaar oud is. Ze stelt de dokter meteen allerlei vragen, zoals ze ook gewend is te doen in haar werk als journalist. Thuis speurt het ze internet af en verslindt een stapel boeken over kanker. Als haar bestralingen zijn afgelopen, zit ze op een ochtend achter haar computer om weer te gaan werken. In haar mailbox staat een bericht van de klassenmentor van Lisa, Coriens oudste dochter die net aan de brugklas is begonnen. De e-mail gaat over de moeder van klasgenoot Yaïr, bij wie uitgezaaide kanker is geconstateerd. Dat is ook toevallig. Als ze ernaar vraagt bij Lisa, blijkt dat nog drie andere kinderen in de klas een ouder met kanker hebben. “Ik zit in een kankerklas!” zegt Lisa.
Moederziel – Krijn Peter Hesselink
Meteen op de eerste bladzijde wordt de toon voor dit boek gezet; ik voel de warme zomerdag en de spanning in hoofdpersoon Jonathan. Die zit met zijn vriendin Mariëlle en zijn vader in een vakantiehuisje in Drenthe. In het dorp bij het huisje komt Jonathan zijn moeder tegen, die hij niet meer heeft gezien sinds zijn jeugd. De oude vrouw is dement, maar ze is blij met gezelschap en Jonathan wil graag met haar bijpraten.
Ze zitten dan wel samen in het vakantiehuisje van zijn vader, maar eigenlijk heeft Jonathan niet zo’n goede band met hem. In de uitgebreide terugblikken op zijn jeugd wordt langzaam duidelijk hoe dat zo gekomen is. Jonathan was een jongen met een rijke fantasie. Ik vind het erg leuk om daarover te lezen. Buurmeisje Fleur was al net zo’n fantast en ze maakten elkaar de gekste dingen wijs.
Antiglamour – Carice van Houten & Halina Reijn
Laatst liep ik in de bieb te snuffelen en toen zag ik ineens het boek van Carice van Houten en Halina Reijn. Ik had de hartsvriendinnen bij DWDD over dit boek zien praten en het leek me niet echt wat voor mij. Maar toen ik het even doorbladerde leek het me toch wel leuk: zoiets als een tijdschrift maar dan in boekvorm. Ik besloot het voor de grap te lenen.
Leesreis om de wereld: Congo-Kinshasa
Ik houd van wiskunde, maar politiek laat ik liever aan anderen over. Célio Mathématik, de hoofdpersoon van Congolese wiskunde, gebruikt de wiskunde juist om politiek te bedrijven. Célio is opgegroeid in een weeshuis, nadat zijn ouders en zusje zijn omgekomen tijdens een oorlog. Hij is straatarm en woont in een pakhuis met kartonnen tussenwanden, maar hij heeft wel wis- en natuurkunde gestudeerd. Zijn carrière komt echter niet op gang, totdat hij als dertigjarige wordt aangesteld als communicatie-adviseur van het Bureau voor Informatie. Daarmee is hij slechts één handdruk verwijderd van de president van de Democratische Republiek Congo. Althans, zo heet het land nu. Congo is verdeeld in twee landen: de Democratische Republiek Congo met Kinshasa als hoofdstad en de Republiek Congo waarvan Brazzaville de hoofdstad is. Maar democratie is ver te zoeken in Kinshasa, ook al is de internationale druk hoog.
Koerikoeloem – Tjitske Jansen
Waar ligt de grens tussen proza en poëzie? Soms typeer ik een boek als ‘poëtisch geschreven’. Vaak doel ik dan op metaforen en zorgvuldig gekozen woorden. Maar meestal is het dan toch duidelijk een roman met een verhaal.
In Koerikoeloem, de titel zegt het al, vertelt Tjitske Jansen haar levensverhaal. Ze doet dat door middel van een soort spreuken; kleine verhaaltjes die een eenheid vormen. De meeste zijn jeugdherinneringen:
Er was mijn broer die voorstelde om kappertje te spelen. Eerst mocht hij mij knippen en daarna ik hem. Toen hij mij geknipt had, mocht ik hem niet meer knippen.






