Laatst was ik mijn e-reader kwijt. Toen ik nog eens goed nadacht schoot me te binnen dat de Kobo bij mijn bed lag. Ik had hem daar neergelegd om het boekje van Koen Snyers te kunnen lezen voor het slapengaan. Het bevat kleine verhaaltjes, observaties, gedachten. Is het proza of poëzie? Ach, dat maakt ook niet uit. Het begint op het station.
Ik zie mensen rennen om een trein te halen.
Een vrouw dweilt de vloer in de stationshal. Rennende treinpassagiers vegen hun voeten aan haar arbeid. De vrouw stopt met dweilen en kijkt naar mensen en treinen die passeren. Iedereen is van voorbijgaande aard, zegt ze, zelfs de mensen die net nog renden voor hun trein en nu staan te wachten op een trein die nooit komt.

