De griezels, wie kent ze niet? Op de basisschool genoot ik zoals vele anderen van de boeken van Roald Dahl: Sjakie en de chocoladefabriek, De GVR, De heksen. Een paar jaar geleden las ik Matilda in het Engels. Het is zo leuk om een bekend verhaal van vroeger in de originele taal te lezen. Dus toen ik in de bibliotheek The Twits in een kleurenversie zag staan, móest ik die lenen. Verder lezen
humor
The collected works of A.J. Fikry – Gabrielle Zevin
Eigenlijk houd ik niet zo van boeken over boeken. Er wordt dan rondgestrooid met citaten uit boeken die ik nooit heb gelezen, terwijl het vast klassiekers zijn. Bij Engelstalige boeken is die kans nog groter. Daarom had ik The collected works of A.J. Fikry niet op mijn leeslijst staan, ondanks alle positieve blogs. De titel sprak me ook al niet aan. Maar nu koos iemand van mijn leesgroep voor dit boek en ze zei dat dit echt een heerlijk boek is om in de winter bij de open haard te lezen.
Leuk zeg doei – Hanna Bervoets

Ik lees zelden een krant. En als ik een krant lees, dan is het Trouw. Gelukkig zijn de columns die Hanna Bervoets voor Volkskrant Magazine schreef in boekvorm uitgekomen. Het voordeel daarvan is dat je er zomaar vijf achter elkaar kunt lezen. De stukjes in Leuk zeg doei zijn namelijk zo treffend en grappig dat ik het nooit bij eentje laat. Dat ze al een paar jaar oud zijn maakt niets uit, de meeste zijn nog hartstikke actueel.
Zorg – Miquel Bulnes
Toen ik nog bij het UMC Utrecht werkte, net als Miquel Bulnes, las ik al eens een boek van hem: Attaque! Niet dat ik hem ooit ben tegengekomen, maar het is altijd leuk als een boek speelt in een omgeving die je kent. Alhoewel, ik zit vooral achter de computer te rekenen aan zorgdata. Mij moet je niet in de operatiekamer neerzetten, maar de medische wereld heeft me altijd mateloos geboeid. Daarom nam ik spontaan het boek Zorg mee uit de bieb. Hierin kruip je in de huid van een assistent-chirurg in opleiding. In het begin moet ik even wennen aan de je-vorm waarin het boek is geschreven, maar al snel valt dat me niet meer op.
De voorlezer van 6:27 – Jean-Paul Didierlaurent
Toen ik een paar dagen ziek thuis was, had ik behoefte aan een licht boek, zowel letterlijk als figuurlijk. De voorlezer van 6:27 van Jean-Paul Didierlaurent leek wel aan die eis te voldoen. Ik had het boek gewonnen bij een actie op de blog van Anneke, dus er stond een splinternieuw exemplaar in mijn kast te wachten.
Guylain Vignolles werkt in een fabriek waar hij een enorme machine bedient die oude boeken verwerkt tot pulp. Hij vindt zijn werk verschrikkelijk. Bij het schoonmaken van de machine redt hij altijd een paar bladzijden om voor te lezen in de trein, die hij elke werkdag om 6:27 neemt. Zijn medereizigers luisteren er graag naar, al leest hij niet speciaal voor hen. Ik vraag me af waarom ze het zo waarderen. Zou het zijn stem en voordracht zijn? Aan een spannend verhaal kan het niet liggen, want Guylain leest willekeurige bladzijden uit willekeurige boeken. In het begin heb ik niet zo’n zin om die fragmenten te lezen, maar ik ontdek al snel dat het vermakelijke stukjes zijn.

De bijvangst – Wanda Bommer
Merel is veertien (bijna vijftien) en moet met haar moeder en diens nieuwe vriend op vakantie naar Italië. Haar beste vriendin wil niet meer mee, omdat ze liever met een paar andere meiden gaat kamperen op Terschelling. Merel mag dat niet en daarvan baalt ze natuurlijk als een stekker. Ondertussen zit Titus Troost op een Italiaanse parkeerplaats tussen de vakantiegangers, maar zijn doel is anders: hij wacht tot iemand z’n mooie auto onbeheerd achterlaat, maar met de sleutels er nog in, zodat Titus zo kan wegrijden. Soms zit hij urenlang te wachten en gebeurt er niets, maar deze keer heeft hij geluk. Een jong stel stapt uit een Jaguar en loopt naar het tankstation terwijl de radio nog aan staat. Titus slaat zijn slag…
Een avond over Belcampo
Afgelopen donderdag was er een speciale avond over de schrijver Belcampo, vanwege de verfilming van zijn verhaal De surprise en de heruitgave van een aantal van zijn verhalen in een gelijknamige bundel. Eerder schreef ik al over waarom ik Belcampo zo geweldig vind en daarom besloot ik naar Amsterdam af te reizen om meer over hem te horen, al wist ik niet zo goed wat ik kon verwachten. De locatie was ook bijzonder; het was namelijk in café Belcampo, dat onderdeel uitmaakt van de nieuwste bibliotheek van Amsterdam. In een volgende blogpost zal ik meer van het café en de bieb laten zien.
Verslingerd – Lisette Jonkman
Na het superleuke boek Verkikkerd besloot ik het vervolg Verslingerd nog even te bewaren. Vorige week had ik een paar dagen vrij en voelde ik me een beetje ziek, dus ik besloot mijzelf op te vrolijken met het vervolg van Lucy’s leven tussen de Enschedese nerds. Inmiddels is ze een beautyblog begonnen en is het nog steeds dik aan met haar knappe nerd Olivier, die door iedereen Kikker wordt genoemd. Maar Lucy’s leven lijkt wel een soap…
Pogingen iets van het leven te maken – Hendrik Groen
Hendrik Groen (83 1/4 jaar) woont in een bejaardentehuis in Amsterdam-Noord. In tegenstelling tot zijn medebewoners probeert hij niet te zeuren, maar benadert hij het leven het liefste met een kwinkslag. In 2013 heeft hij bijna elke dag een stukje in zijn dagboek geschreven, wat heeft geleid tot dit boek.

Hendrik praat niet veel, maar observeert goed. Hij maakt graag grappen, samen met zijn ondeugende vriend Evert. In het tehuis zitten gelukkig niet alleen maar zeurende oudjes, maar ook zielsverwanten. Zij willen proberen te genieten van elke dag die ze nog hebben. Daarom richten ze de club Omanido (Oud-maar-niet-dood) op. De club bestaat uit zes leden die om de beurt een uitje organiseren, wat door de overige bewoners vooral met jaloezie wordt bekeken. De clubleden hebben zelf de grootste lol. De overeenkomst tussen alle uitjes is dat er alcohol bij wordt gedronken en dat de clubleden vrolijk weer thuis komen.
Hendrik schrijft ook over de actualiteit in het jaar 2013 en dan met name de dingen die de bewoners aan tafel bespreken, zoals de ouderenpartij 50plus en bezuinigingen op de AOW. Maar ook de verkiezing van een nieuwe paus en de kroning van koning Willem-Alexander. De oudjes hebben daar zo allemaal hun mening over. Het gaat natuurlijk ook over de bezuinigingen in de ouderenzorg. Het is duidelijk dat de bewoners zorg nodig hebben, maar men wordt gestimuleerd om langer thuis te blijven wonen. Dat veroorzaakt onrust bij de mensen, ondanks dat ze veel klagen over de diensten van het tehuis.
Ouderen hebben natuurlijk kwaaltjes en kwalen. Ook de leden van Omanido krijgen daarmee te maken. Ze helpen elkaar waar ze kunnen en het is ontroerend om dat te lezen. Hendrik is af en toe wel van slag als er weer een tegenvaller te incasseren valt. Het is bijzonder om te lezen hoe humor kan helpen om toch door te zetten. Zo merkt de beginnend dementerende Grietje op: “Met een beetje geluk geloof ik volgend jaar weer in Sinterklaas!”
Ik heb regelmatig zitten gniffelen of gewoon heel hard gelachen om de grappige beschrijvingen van Hendrik Groen. Het leven in een bejaardentehuis is niet zo spannend, maar hij pikt er de mooiste anekdotes uit en de grappen van vriend Evert zijn hilarisch. Het dagboek van Hendrik Groen is een ontzettend leuk boek geworden.
Superlijm – Etgar Keret
Staande tussen het winkelend publiek las ik het eerste verhaal uit Superlijm, getiteld Lang zal ze leven. Daarin wordt een heerlijke verjaardag beschreven, waarop de wereld je toelacht. Het was liefde op het eerste gezicht, wat een leuk verhaal, dit boek moest ik hebben! Toen ik thuis bij het voorwoord begon moest ik daar erg om lachen. Kortom, Etgar Keret heeft een fan erbij.
Ruben Verhasselt heeft een verzorgde vertaling uit het Hebreeuws afgeleverd. De verhalen spelen zich bijna allemaal af in Israël. Een aantal verhalen hebben te maken met het leger. Toen Keret zelf in het leger zat, begon hij met schrijven. Toch kiest hij heel diverse onderwerpen voor zijn verhalen. Er zijn hoofdpersonen van alle leeftijden, mannen en vrouwen, dom en slim, gestoord en heel normaal. Soms verschijnen er absurde wezens of surrealistische elementen in een verhaal: een kabouter, een slaapliedje waardoor de tijd vertraagt, een overleden bus. Het doet mij wel denken aan Belcampo, die ook zo’n rijke fantasie heeft.
De verhalen zijn maar een paar bladzijden lang, dus erg geschikt om af en toe tussendoor eentje te lezen. Er zijn verhalen bij die ik onbegrijpelijk of saai vind en soms erger ik me zelfs… maar ook die zijn na een paar bladzijden afgelopen. Gelukkig hoef je er nooit veel achter elkaar te lezen om aan te belanden bij een leuk, grappig of geniaal verhaal. Het voelt dan echt als een traktatie en vaak bezorgt het me een glimlach. Deze bundel heeft me veel plezier bezorgd.





