Als je in Amsterdam met je rug naar het centraal station staat, zie je hotel Victoria, dat rondom twee lagere huizen heen is gebouwd. Thomas Rosenboom vroeg zich af hoe dat zo is gekomen en neemt de lezer mee naar 1888. Het Rijksmuseum is net klaar, net als het Concertgebouw dat midden tussen de weilanden ligt. Vanaf de Prins Hendrikkade kan vioolbouwer Vedder sinds een paar jaar het IJ niet meer zien omdat het nieuwe station ervoor is gebouwd. Hij krijgt een royaal aanbod om zijn huis te verkopen. Maar hij neemt het niet zomaar aan; hij weet dat hij een sterke onderhandelingspositie heeft en vraagt een hogere prijs. Dat doet hij ook namens zijn buurman.
Publieke werken wisselt af tussen twee hoofdpersonen: Walter Vedder en zijn neef Chris Anijs, die apotheker is in Hoogeveen. Naast de klanten uit het stadje komen ook de mensen van het Veld naar hem toe, die werken als turfgravers in het veen. Omdat de plaatselijke huisarts niet omkijkt naar die arme sloebers, ontfermt de apotheker zich over hen.
Verder lezen



