Volgeboekt – Paula Heeger

Ooit volgde ik Paula Heeger via verschillende sociale media, waar ik niet meer ben. Nu lees ik haar nieuwsbrief via Substack. Daardoor wist ik dat ze bezig was met het schrijven van haar debuut, dat dit voorjaar is uitgekomen. Twee jaar geleden verscheen er al een kort verhaal van haar hand in de bundel Slipperdagen en zomerjurken en dat smaakte naar meer, dus ik had echt zin in Volgeboekt.

Felicia Prins is afgereisd naar Terschelling, waar theaterfestival Oerol plaatsvindt. Daarbij hoort een dagelijkse televisie-uitzending van het programma Oerol Live, waarvan Felicia de vaste sidekick is naast Joris Berkenboom. De twee presentatoren kennen elkaar uit hun studietijd, toen ze een knipperlichtrelatie hadden, maar dat is nu echt voorbij. Als Felicia op het eiland aankomt, blijkt dat er geen plaats voor haar is in het hotel waar de meeste medewerkers van het programma slapen. De productiemedewerker regelt voor haar een plekje in Books & breakfast: een boekhandel en hotel in één. Daar is eigenlijk ook geen plek, maar een medewerker van de boekhandel kon geen nee zeggen tegen Felicia, die ook een bekende schrijver is. Hoteleigenaar Alex is er chagrijnig van. Hij wil toch gastvrij blijven en biedt Felicia zijn eigen logeerkamer aan.

Verder lezen

En wat dan liefde is – Lisette Jonkman

Rozemarijn is bijna dertig jaar en single. De ene na de andere vriendin vindt de liefde. Er wordt volop getrouwd en sommigen krijgen kinderen. Rozemarijn moet daar erg aan wennen, want zij wil gewoon als vanouds feesten. Dat doet ze voluit, met veel drank en een pilletje. Ik stoor me eraan dat dit als zo normaal wordt voorgesteld. Ik weet wel dat het in bepaalde kringen niet vreemd is om drugs te gebruiken om langer door te kunnen feesten, maar zou dat zelf niet zo in een boek verwerken. Als ik nog nooit iets van Lisette Jonkman had gelezen, dan was ik na een paar bladzijden al afgehaakt. Maar eerder heb ik enorm genoten van haar grappige feelgood-boeken, dus ik besluit door te lezen. 

Waarin Rozemarijn ook verschilt van veel leeftijdsgenoten is dat ze haar studie niet heeft afgemaakt. Als student ging ze in een winkel met herenkleding werken en vijf jaar later is dit nog steeds haar bron van inkomsten. Op een dag komt er een knappe lange man binnen voor een maatpak en bij het meten wordt er al geflirt, zoals dat gaat in een feelgoodboek. En dan kan je al voorspellen wat er verder gaat gebeuren. Magnus geeft wel aan dat hij geen vaste relatie wil, want hij is pas net gescheiden. Dat komt Rozemarijn goed uit, want die wil ook alleen maar lol. Ook hierin heb ik andere morele standaarden, maar ja, dan moet ik maar een reformatorische liefdesroman kiezen (heb ik ook weleens gedaan). 

Verder lezen

Geef me de ruimte – Thea Beckman

Geef me de ruimte! is het eerste deel van een trilogie over de honderdjarige oorlog. Die woedde in de veertiende en vijftiende eeuw in Frankrijk. Maar het verhaal begint in Brugge, bij de vijftienjarige Marije. Ze is de dochter van een rijke koopman, die haar wil uithuwelijken aan een goede partij. De jongen die hij op het oog heeft, is echter een vervelende pestkop. Marije ziet het totaal niet zitten en besluit om weg te lopen. Ze trekt oude kleren van een knecht aan, knipt haar vlecht af en neemt het beste paard mee om midden in de nacht de stad uit te rijden.

Ik vind het zo spannend om te lezen! Marije is afhankelijk van wat ze onderweg tegenkomt en ze heeft werkelijk geen idee, alleen een droom… ze wil naar Frankrijk, waar het verhaal van Tristan en Isolde zich heeft afgespeeld. Ze weet niet dat daar oorlog woedt, totdat ze in een bos allemaal dode soldaten treft. Eentje leeft nog, die heeft zichzelf naar een hutje gesleept. Marije verzorgt hem daar. Deze Berton is een jongleur. De woordenlijst achterin het boek legt uit dat dit destijds een soort cabaretier was, die liedjes schrijft en de mensen vermaakt. Later ontmoeten ze een trouvère, een man van adel die ook liedjes zingen als beroep heeft. Samen met deze Jean trekken ze rond om op te treden op feestjes van hoge edelen.

Verder lezen

Beladen huis – Christien Brinkgreve

Na de dood van haar echtgenoot, Arend Jan Heerma van Voss, blikt Christien Brinkgreve terug op hun huwelijk. Ze hielden veel van elkaar, maar het was ook zwaar. Dat is goed te zien aan de staat van hun huis: slecht onderhouden en volgestopt met oude spullen. Heel langzaam gaat ze opruimen. Familieleden helpen mee om te beslissen wat weg kan en wat bewaard moet blijven. Het is nu haar huis en ze probeert het zich eigen te maken, maar haar zonen hebben nog steeds een mening over hoe het zou moeten zijn.

Ik aarzel nu over hoe ik de schrijver in het vervolg zal aanduiden. Ze voelt niet als iemand die ik zomaar met de voornaam aanspreek, maar bij de achternaam vind ik zo zakelijk. Zal ik toch maar gewoon Christien zeggen? Ik vind dat ze prettig schrijft en haar verhaal fascineert me. Ze geeft een kijk in de ziel, heel open, terwijl haar huwelijk zo beklemmend kon zijn. Christien was bezig met haar proefschrift toen ze in contact kwam met A, zo duidt ze hem in dit boek aan. Ze vielen voor elkaar terwijl hij nog getrouwd was, of misschien lag hij al in scheiding. Hij had twee dochters, die regelmatig bij hem en Christien kwamen logeren. Daardoor werd haar verlangen naar kinderen aangewakkerd en ze kregen twee zonen.

Verder lezen

Popcorn donut kaassoufflé – Eline van Wieren

Kato zit bij de huisarts, omdat ze zich depressief voelt. Ze moet de hele tijd huilen en ze heeft vaak eetbuien, waarbij ze van alles naar binnen propt, tot ze haast ontploft. De dokter stuurt haar naar een therapiegroep voor mensen met een eetbuistoornis.

Dit klinkt vreselijk en dat is het ook, maar Eline van Wieren gebruikt humor om te zorgen dat het niet alleen maar kommer en kwel is. Ze zet Kato neer als een realistisch mens door de details uit haar leven: kat Frits die tegen Kato aan kruipt, de series die ze kijkt, haar baan in de bibliotheek en de boeken waar ze van houdt. Dat het echt niet goed gaat met Kato, blijkt uit het feit dat het haar niet goed lukt om een boek te lezen.

Verder lezen

Autobiografie van mijn lichaam – Lize Spit

Het vierde boek van Lize Spit gaat over haarzelf. Als schrijver beschouwt ze haar eigen leven én dat van haar moeder, die slokdarmkanker heeft en niet lang meer zal leven. Via een e-mail stelt ze haar kinderen hiervan op de hoogte. En oja, ze gaan scheiden.

Autobiografie van mijn lichaam bestaat uit een heleboel korte stukjes. Het lijkt willekeurig, maar ik vermoed dat het zorgvuldig samengesteld is. Het is fragmentarisch en het springt telkens heen en weer in de tijd: het verhaal van het sterfproces van haar moeder wisselt af met allerlei herinneringen aan korter en langer geleden, met als motief Lizes eigen lijf. Ik vraag me af ze zo’n ijzersterk geheugen heeft, of dat er toch wat fictie bij is. Misschien heeft ze zich gebaseerd op oude dagboeken, waaruit ze soms letterlijk citeert. Ook hierbij denk ik dat het geen willekeurige fragmenten zijn, hoewel het soms zo voelt, met allerlei details over huisdieren en schoolrapporten.

Verder lezen

De wonderdokter: Albert Willem van Renterghem – Rinus Spruit

Dokter Albert Willem van Renterghem leefde tussen 1845 en 1939. Op hoge leeftijd schreef hij zijn autobiografie, waarbij hij aangaf dat die vanaf 1975 openbaar gemaakt zou mogen worden. Het bleef bij honderd exemplaren, die veelal in archieven verdwenen. Toen Rinus Spruit daar eentje van aantrof in het archief van de gemeente Goes, vond hij het zo interessant dat hij besloot om het boek toegankelijk te maken voor de hedendaagse lezer. En dat heeft hij geweldig goed gedaan! Hij knipte zinnen in stukken en verving woorden die niemand meer kent door modernere termen. Van de 1300 bladzijden bleven er 200 over.

Het begint in 1877. Na twaalf jaar bij de marine vestigt de pasgetrouwde dokter Van Renterghem zich in Heinkenszand, niet ver van zijn geboorteplaats Goes, waar zijn vader huisarts is. De jonge dokter heeft te maken met concurrentie van de oude stijl: vroedmeesters die hun vak in de praktijk hebben geleerd. Langzamerhand wordt de zorg overgenomen door universitair opgeleide artsen. Het beroep van huisarts was in die tijd veel breder dan nu: Van Renterghem trekt ook tanden en voert operaties uit, tot amputaties aan toe. Hij is ontzettend blij met nieuwe mogelijkheden om mensen te verdoven voor een ingreep. Hij beschrijft de ene na de andere anekdote over behandelingen onder vaak armoedige omstandigheden. Ik vind het zeer boeiend om te lezen, maar ook een beetje opsommerig en ik vraag me af of dit het hele boek zo doorgaat. Het antwoord is nee, want de dokter ontwikkelt zich.

Verder lezen

Kruis of munt – Jo Boer

Jo Boer werd geboren in 1907 in Nederlands-Indië. Kruis of munt begint met de vroegste herinneringen van haar alter ego Jopie Landman. Als klein meisje kruipt ze onder de tafel. Ze ziet de diverse schoenen en hoort de grote mensen praten. In het begin moet ik wel even wennen aan de stijl en alle namen in dit boek dat voor het eerst werd uitgegeven in 1949, maar ik merk ook meteen hoe elegant het is geschreven.

Het huwelijk van Jopies ouders was rampzalig. Jo Boer heeft zich ontzettend knap ingeleefd in hoe het geweest moet zijn: het jonge stel dat op huwelijksreis gaat en helemaal niet bij elkaar blijkt te passen. Er ontstaat toch een zwangerschap. In de nacht dat Aletta zal gaan bevallen, is haar man naar een feest. Hij komt nooit meer thuis. Later, als kind in Nederland, wordt Jopie met de nek aangekeken omdat ze geen vader heeft. Niemand praat ooit over hem en ze weet dat ze er niet naar moet vragen.

Verder lezen

Het paradijs van slapen – Joost Oomen

Van Joost Oomen las ik eerder gedichten en een absurd verhaal over de Bietenkoningin. In het theater zag ik hem poëzie voordragen. Niks is hem te gek. In vergelijking daarbij is Het paradijs van slapen een heel normale roman. Joost heeft zich voor dit boek laten inspireren door zijn vader, die euthanasie-arts is.

Dokter Theo Engel gaat de begrafenis van een patiënt. Hij gaat nooit naar uitvaarten van patiënten, maar hij kent de dochter van deze man. Bovendien ging het hier om een natuurlijke dood en heeft Theo hem geen euthanasie hoeven verlenen. Theo Engel werkt als invalhuisarts en hij voert zeer regelmatig euthanasie uit. Meestal wordt dit gedaan door zestig-plussers en vaak door artsen die al met pensioen zijn. Maar Theo is veertig en hij woont alleen. Als hij na de begrafenis thuiskomt, ligt er een dikke brief van Gerrit Blauw, die vraagt om hem te helpen te sterven. Het lastige is dat hij geen gezondheidsklachten heeft. In de brief beschrijft hij zijn leven, met het zwaartepunt rond zijn achttiende.

Verder lezen

Publieke werken – Thomas Rosenboom

Als je in Amsterdam met je rug naar het centraal station staat, zie je hotel Victoria, dat rondom twee lagere huizen heen is gebouwd. Thomas Rosenboom vroeg zich af hoe dat zo is gekomen en neemt de lezer mee naar 1888. Het Rijksmuseum is net klaar, net als het Concertgebouw dat midden tussen de weilanden ligt. Vanaf de Prins Hendrikkade kan vioolbouwer Vedder sinds een paar jaar het IJ niet meer zien omdat het nieuwe station ervoor is gebouwd. Hij krijgt een royaal aanbod om zijn huis te verkopen. Maar hij neemt het niet zomaar aan; hij weet dat hij een sterke onderhandelingspositie heeft en vraagt een hogere prijs. Dat doet hij ook namens zijn buurman.

Publieke werken wisselt af tussen twee hoofdpersonen: Walter Vedder en zijn neef Chris Anijs, die apotheker is in Hoogeveen. Naast de klanten uit het stadje komen ook de mensen van het Veld naar hem toe, die werken als turfgravers in het veen. Omdat de plaatselijke huisarts niet omkijkt naar die arme sloebers, ontfermt de apotheker zich over hen.

Verder lezen