Veel van Murakami’s boeken zijn uitgeleend in de bieb. Ten zuiden van de grens staat er nog, dus die is voor mij. Meteen op de eerste bladzijde geniet ik al van die typische Murakami-stijl: korte zinnen, geen moeilijk taalgebruik, details zonder traag te worden, aandacht voor muziek en boeken, een jeugdliefde die veel indruk heeft gemaakt en mysterieuze gebeurtenissen. Daarbij maakt het overigens niet uit of het boek vertaald is door Elbrich Fennema (dit boek en Norwegian Wood) of Jacques Westerhoven (1q84), want zij leveren allebei uitstekend werk.
Ten zuiden van de grens gaat over het liefdesleven van Hajime. Als kind is hij bevriend met Shimamoto, een meisje dat net als hij enig kind is, wat in de jaren ’60 nog niet zo gebruikelijk is in Japan. Shimamoto sleept met haar been en daarom zitten ze vooral samen op de bank te kletsen en naar platen te luisteren. Als ze twaalf jaar zijn, verhuist Hajime naar een andere stad en ze raken elkaar uit het oog.
in haar jeugd besluit Caitlin Doughty dat ze iets wil doen tegen het taboe rondom de dood. Ze droomt van een eigen uitvaartonderneming en heeft daar allerlei creatieve ideeën bij. Om dit te bereiken treedt ze als 23-jarige in dienst van een crematorium. In dit boek beschrijft ze haar werk, afgewisseld met persoonlijke ervaringen en allerlei weetjes rondom dit thema.

