Woesten – Kris van Steenberge

Tot voor kort wist bijna niemand dat Woesten een dorp is vlak bij Ieper in Vlaanderen. Maar sinds Kris van Steenberge zijn debuut publiceerde is daar verandering in gekomen. Ik had hoge verwachtingen van dit veelgeprezen boek en ik werd niet teleurgesteld. Je moet er wel de tijd voor nemen, want het is prachtig geschreven.

Aan het einde van de negentiende eeuw is Elisabeth vijftien jaar. Ze is een intelligent meisje en ging graag naar school, maar toen ze twaalf was werd besloten dat ze voortaan thuis zou blijven om haar moeder te helpen met kantklossen. Ze komt in gesprek met meneer Funke, de vreemdeling van het dorp. Hij leent Elisabeth stiekem boeken en daar geniet ze met volle teugen van. Maar op een dag is meneer Funke weer zomaar verdwenen.

Woesten

Verder lezen

De bijvangst – Wanda Bommer

Merel is veertien (bijna vijftien) en moet met haar moeder en diens nieuwe vriend op vakantie naar Italië. Haar beste vriendin wil niet meer mee, omdat ze liever met een paar andere meiden gaat kamperen op Terschelling. Merel mag dat niet en daarvan baalt ze natuurlijk als een stekker. Ondertussen zit Titus Troost op een Italiaanse parkeerplaats tussen de vakantiegangers, maar zijn doel is anders: hij wacht tot iemand z’n mooie auto onbeheerd achterlaat, maar met de sleutels er nog in, zodat Titus zo kan wegrijden. Soms zit hij urenlang te wachten en gebeurt er niets, maar deze keer heeft hij geluk. Een jong stel stapt uit een Jaguar en loopt naar het tankstation terwijl de radio nog aan staat. Titus slaat zijn slag…

Wanda-Bommer-De-bijvangst Verder lezen

Kinderen van het ruige land – Auke Hulst

In de proloog van Kinderen van het ruige land wordt Kai opgebeld door zijn moeder, die hem om geld vraagt. Ze zit in Frankrijk en heeft zich weer eens in de schulden gestoken. Mijn aandacht is getrokken: hoe is dat zo gekomen? Dat wordt verteld in de rest van het boek, dat gaat over het gezin dat in een Groningse boerderij woonde: broers Kurt en Kai, zussen Shirley Jane en Deedee en hun moeder. Hun vader was al jong overleden. Moeder is echter meer bezig met haar eigen leven dan met de opvoeding van haar kinderen. Soms lijkt dat wel leuk, want ze kunnen doen wat ze willen.

De jongens hebben veel fantasie en ze maken bijvoorbeeld plannen voor hun eigen ruimtevaartprogramma. Ze zitten uren te tekenen en als het ontwerp van de lanceerbasis klaar is, gaat moeder naar de bouwmarkt om beton en hout te halen. Welke moeder doet dat nou? Verder is de wildernis rondom de boerderij een geweldige plek om lekker te spelen en avonturen te beleven. Toch kom ik niet zo snel door het boek heen. Ongemerkt worden de jongens ouder, maar het is fragmentarisch geschreven. Bovendien heb ik wat moeite om me in te leven in jongens die stoer willen doen.

Kinderen van het ruige land Verder lezen

Alleen met de goden – Alex Boogers

Alex Boogers stond al langere tijd dikgedrukt op mijn boekenlijst, want ik had al veel positieve reacties op zijn werk gelezen. Daarom wilde ik graag zijn dikke nieuwe boek Alleen met de goden lezen, dat door sommigen aangekondigd werd als zijn magnum opus. Het is een autobiografisch getint coming-of-age-verhaal.

Alleen met de goden Alex Boogers

Aan het begin van het boek zit hoofdpersoon Aaron Bachman nog op de basisschool. Op een dag krijgt Aarons vader ruzie met een man die bij hen aan de deur komt. Hij wordt boos en slaat de man zo hard dat hij komt te overlijden. Aarons vader belandt in de gevangenis. Ze hadden het al niet zo breed thuis, maar nu stapelen de rekeningen zich op en het ene gat wordt met het andere gedicht. Aarons moeder is wanhopig en kookt niet meer voor haar zoon. Als hij durft te zeggen dat hij honger heeft, drukt ze hem weleens vijf euro in z’n hand voor een patatje. Aaron hangt veel op straat rond, bijvoorbeeld met zijn buurjongen Gerald. Die wordt gepest op school, omdat hij zwart is. Aaron vindt dat onbegrijpelijk en wil voor zijn vriend opkomen, terwijl Gerald liever niet terugvecht. Verder lezen

Zondagsgeld – Philip Snijder

Zondagsgeld speelt zich af in de jaren zestig op het Bickerseiland, een wijkje naast de Jordaan. De meeste huisjes worden bewoond door één familie, met opa en opoe als middelpunt. Het wordt op zo’n manier beschreven dat ik het helemaal voor me zie: de gracht vol afval, de tantes die op een kussentje op de vensterbank uit hun ramen hangen, de ooms die op hun vaste hoekje met elkaar staan te roken. Elke middag verzamelen de ooms en tantes en de neven en nichten van de jonge hoofdpersoon (zijn naam wordt niet genoemd) in het huisje van opa en opoe. Daar kakelt iedereen door elkaar in plat Amsterdams. Ook na het eten gaan de familieleden bij elkaar op bezoek.  Ze voelen zich net zo thuis bij een broer of zus als in hun eigen huis. Op zondag gaan de kinderen op bezoek bij een oom en tante waar ze bij hun geboorte aan gekoppeld zijn. Na een halfuurtje zitten mag je dan weer gaan, een gulden rijker: zondagsgeld.

Zondagsgeld Verder lezen

Iedereen kan schilderen – Emma Curvers

Als haar vader het voor het zeggen had, lag het debuut van Emma Curvers niet meer in de winkel. Hij voelde zich gegriefd door het boek en eiste dat het niet meer verkocht zou worden, maar de rechter gaf hem geen gelijk. Zou hij zich dan toch in Iedereen kan schilderen herkend hebben, ook al benadrukt zijn dochter dat het fictie is?

Hans Kostons lijkt zo op het eerste gezicht een normale, vriendelijke man. Hij heeft een goed lopend bedrijf en daardoor woont het gezin in een groot huis met mooie spullen en een zwembad. Zijn echtgenote en zijn dochters Iris en Mia moeten echter wel aan de eisen van Hans voldoen. Anders kan het zomaar gebeuren dat moeder Elsbeth in de winter zonder jas buiten staat en niet meer naar binnen mag. Ze mag ook niet koken in de blinkende keuken, maar moet dat doen in de bijkeuken. Een ander voorbeeld is dat Elsbeth, Iris en Mia door Hans worden achtergelaten bij een tankstation, als ze onderweg zijn naar een tante om Pasen te vieren. Volgens Hans is dat een logische actie, want ze hebben zich niet aan de regels gehouden, waaronder ‘niet eten in de auto’. Verder sloopt Hans vaak dingen als hij boos is. Dat is niet zo erg, want dan kan hij mooi gaan winkelen om nieuwe spullen aan te schaffen.

Verder lezen

Vele hemels boven de zevende – Griet op de Beeck

Haar debuut stond al zo’n anderhalf jaar geleden op mijn leeslijst. Haar tweede boek werd in één klap beroemd toen het in De wereld draait door werd besproken. Dus toen ik mij voornam om mij dit jaar (onder andere) te focussen op Vlaamse literatuur, was het logisch om als eerste iets van Griet op de Beeck te gaan lezen.

In Vele hemels boven de zevende wordt het vertelperspectief afgewisseld tussen vijf personen. In het begin lijkt dat lastig, maar het went al snel. Vier familieleden van drie generaties en één vriend van de familie nemen me mee in hun gedachten. Ik moet uitkijken dat ik niet te vlot lees, want het boek staat boordevol mooie zinnen die de moeite waard zijn om er even bij stil te staan.

9200000009985050

Verder lezen

In hemelsnaam – Geertje Paaij

Geertje Paaij volg ik al een hele tijd op twitter, waar ze vaak berichtjes schrijft over de psychiatrie. Door haar las ik Raarhoek van Miek Smilde, over de geschiedenis van een psychiatrisch ziekenhuis, echt een aanrader! Nu heeft Geertje een boek geschreven over het bijzondere levensverhaal van haar vader. Ik houd erg van waargebeurde familiegeschiedenissen, zoals De hemel bestaat niet van Jannetje Koelewijn, Argentijnse avonden van Carolijn Visser en Het pauperparadijs van Suzanna Jansen. In zulke boeken staan meestal foto’s om het verhaal te ondersteunen. In hemelsnaam bevat een heleboel foto’s, maar niet van oma Adriana. Van haar is niets bewaard gebleven en juist daarom besloot Geertje op onderzoek uit te gaan. In het boek beschrijft ze hoe ze in diverse archieven op zoek gaat naar de lotgevallen van haar voorouders.

Adriana werd samen met haar jonge kinderen in de steek gelaten door haar man, die naar Nederlands Indië ging. Daar had hij diverse ondernemingen. Naar zijn echtgenote keek hij niet meer om. Adriana had een heleboel verschillende baantjes als dienstbode en als waakster in een ziekenhuis. Helaas ging het helemaal niet goed met haar en werd ze diverse keren gedwongen opgenomen in een psychiatrisch herstellingsoord. Van haar vijf kinderen werden alleen Geertjes vader en tante Anne volwassen. Ze groeiden op in weeshuizen, waar ze het zwaar hadden. Geertjes vader kreeg uit zijn eerste huwelijk vier kinderen. Vlak na de oorlog trouwde hij nog een keer en dochter Geertje werd geboren toen hij 63 jaar oud was.

Inhemelsnaam

Ik vond het wel verwarrend dat de verhalen niet chronologisch zijn verteld, maar in de volgorde waarin Geertje ze tegenkwam in de archieven. Ik denk dat ze daarvoor gekozen heeft om het verband te kunnen leggen met gebeurtenissen uit haar eigen leven en dan met name wat er met haar schizofrene dochter is gebeurd. Dat geeft het boek een bijzondere extra dimensie. De feitelijkheden uit de archieven worden afgewisseld met geromantiseerde scènes die Geertje zich voorstelt. Ze laat zien hoe interessant maar ook schokkend het kan zijn om in de geschiedenis van je eigen familie te duiken. Het zijn immers je bloedverwanten en je kunt zo uitvinden van wie je je eigenschappen misschien wel hebt geërfd, zowel de goede karaktertrekken als ziektes die je liever niet had meegekregen.

Aan sommige details kon ik wel merken dat Geertje geen schrijver of historica van beroep is, maar dat hindert niet. Ze heeft een vlotte pen en schrijft met veel passie. Ik had het boek binnen een paar dagen uit en vond het interessant om te lezen. Het maakt me ook nieuwsgierig naar de verhalen van mijn eigen opa’s en oma’s. Ik weet dat mijn vader veel heeft opgeschreven en nu begrijp ik beter waarom hij dat heeft gedaan. Als hij met pensioen gaat, moet hij er maar een boek van maken. En dan zal ik er trots over bloggen.