Net als in haar originele debuut Een soort eelt spelen dieren een belangrijke rol in de tweede roman van Rinske Bouwman. Dat is wat me erin trok, in tegenstelling tot het computerspel dat hoofdpersoon Marius speelt. Het spel blijkt echter helemaal niet vervelend om over te lezen. Het boek begint met een scène in de online game The Otherworld, zonder dat dat expliciet wordt vermeld. Na een bladzijde denk ik ‘wat is hier toch aan de hand’ en na twee bladzijden begrijp ik dat Marius in het spel rondloopt en niet in de echte wereld. Dat heeft een grappig effect.

Marius (42) is in het echte leven buschauffeur. Zijn vrouw Philo is sinds een aantal jaren terminaal ziek. Al een paar keer heeft Marius gedacht dat haar laatste dagen waren aangebroken, maar dan krabbelde ze toch weer op. Hij worstelt hier enorm mee en hij heeft amper tijd voor sociale contacten, omdat hij voor Philo moet zorgen naast zijn werk in wisseldiensten. Soms gaat hij vogels kijken met zijn goede vriend Lasse, die helemaal in de wolken is omdat zijn vrouw in verwachting is. Dat steekt Marius, omdat Philo en hij vroeger ook droomden van kinderen krijgen. Maar toen werd ze ziek. De vrienden kunnen er niet echt over praten en de afstand is voelbaar.
Verder lezen

