Leesreis om de wereld: Indonesië

Er staan drie Indonesische boeken op mijn lijstje: twee klassiekers en een meer recent boek, alle drie vrij dik. Ik besluit om naar de bibliotheek te gaan, om daar van elk boek de eerste bladzijde te lezen. Het is meteen duidelijk dat het boek uit 2012 mij het meest aanspreekt. Op de achterkant staat dat schrijfster Ayu Utami erg populair is in Indonesië, ook onder jongeren. Dat belooft wat!

Verteller is Yuda, die er graag met een groep vrienden op uit gaat om bergen te beklimmen. Daarbij gebruiken ze grof geschut: ze boren gaten in de bergen om hun haken aan vast te maken. Dan krijgt Yuda een nieuwe vriend, die Parang Jati heet. Bij een weddenschap verliest Yuda en Parang Jati daagt hem uit om vanaf nu alleen nog maar aan clean climbing te doen, waarbij je de rotsen niet beschadigt.

Parang Jati vertelt veel volksverhalen aan Yuda. Die vindt dat bijgeloof maar niets, maar hij is ook wel vatbaar voor de argumentatie van Jati die uitlegt dat je volksgeloof niet door een moderne bril moet bekijken. Verder lezen

Dit zijn de namen – Tommy Wieringa

Drie jaar geleden lazen we met de boekenkring van de kerk ‘Joe Speedboot’.  Ik vond het een geweldig boek, vooral qua schrijfstijl. Op de kring bleek echter dat er ook lezeressen waren die het verschrikkelijk vonden, terwijl ik het al een paar keer cadeau had gegeven… Toch viel de keuze voor de komende kringavond weer op een boek van Tommy Wieringa. Voor ‘Dit zijn de namen’ kreeg hij de Libris Literatuurprijs en verschillende twitteraars waren er positief over.

download

Het boek speelt zich af in een fictieve stad omringd door de steppe, wat mij deed denken aan een land als Kazachstan. Twee verhaallijnen wisselen elkaar af. Ten eerste gaat het over een politieman in de grote stad die ontdekt dat hij joods is. Hij verdiept zich in het jodendom met behulp van de rabbijn, die de laatste jood in de stad is. Ten tweede gaat het over een groep mensen die door mensensmokkelaars over een grens worden gezet in de hoop een beter leven tegemoet te gaan. Het mondt echter uit in een lange reis over de steppe, waarbij ze maanden geen mens tegenkomen.

De politieman en de reizigers komen pas op tweederde van het boek bij elkaar en dat vond ik veel te lang duren. Pas op vijfzesde van het boek wordt het verband expliciet gemaakt (en dat vond ik ook veel te laat, vandaar dat ik het wel verklap): de reizigers door de steppe worden vergeleken met het joodse volk dat veertig jaar lang door de woestijn trok voor ze het beloofde land binnen konden gaan. Tijdens het lezen vroeg ik me steeds af wat de samenhang tussen de verschillende thema’s was. Ik vond het ook erg fragmentarisch. Diverse stukjes vond ik niet relevant voor het verhaal.

Ook dit boek bewijst dat smaken verschillen. Ik vond het goed leesbaar, maar het kon me niet echt boeien. Als het niet voor de leeskring was, het ik het waarschijnlijk niet uitgelezen.