Een vlecht van heilig gras – Robin Wall Kimmerer

Voorouders van Robin Wall Kimmerer behoorden tot de inheemse inwoners van de Verenigde Staten van Amerika. Ze heeft echter weinig van de tradities meegekregen, doordat deze mensen een paar generaties geleden vreselijk werden behandeld door immigranten. Hun kinderen werden bij ze weggehaald en naar kostscholen gestuurd, waar ze hun eigen taal niet meer mochten spreken. Robins liefde voor de natuur maakte haar nieuwsgierig naar de lessen van haar oude volk en andere Noord-Amerikaanse volken en ze ging op zoek naar wat er nog van over is. Haar bevindingen beschrijft ze in Een vlecht van heilig gras.

Dit boek werd door diverse mensen aangeraden en ik kwam het al een paar keer tegen in andere boeken, zoals Scheppings(t)rouw. Het werd niet meteen heel populair toen het uitkwam, maar het verspreidde zich langzamerhand doordat mensen er enthousiast over waren. Dat is toch het mooiste! Ik ben niet meteen overtuigd als ik het begin lees, want dat kost me wat moeite om door te komen. Maar dan komt er een geweldig hoofdstuk over de taal van Robins voorouders, die net als het volk Potawatomi heet. Taal is nooit neutraal; hoe je iets zegt heeft invloed op hoe je erover denkt. Het Potawatomi maakt onderscheid tussen bezielde wezens en onbezielde dingen. Mensen, dieren, planten en stenen zijn allemaal bezield! In het Nederlands zou je die allemaal kunnen aanduiden met ‘iemand’ en ‘die’. Hoe anders klinkt het als je zegt ‘er vliegt iemand rond’ in plaats van ‘er vliegt iets door de kamer’.

Robin vertelt over haar eigen ervaringen met de natuur om haar heen, waarbij de nadruk ligt op planten. Ze is wetenschappelijk opgeleid als plantkundige, maar kijkt ook door de ogen van haar voorouders. Die twee werelden botsen regelmatig. Na grondig onderzoek blijkt dat de oude methodes om te oogsten het beste werken, om allerlei redenen. Ze legt het principe van ‘eerbiedig oogsten’ uit, zoals ’neem nooit de eerste plant die je tegenkomt’, ‘vraag eerst toestemming aan de plant’ en ‘neem nooit meer dan de helft’. Bepaalde soorten planten komen het beste tot hun recht als ze dicht bij elkaar leven. Hoe anders is dit dan de huidige monoculturen en de mechanische manier waarop landbouwers tegenwoordig werken. Zou er een middenweg zijn?

Nicole Seegers heeft het prima vertaald uit het Engels. Ik ben blij dat ik voor de vertaling heb gekozen, niet alleen vanwege de plantennamen, maar ook omdat het best een dik en taai boek is. Sommige hoofdstukken vind ik prachtig en andere behoorlijk saai. Het is zo leuk om te lezen hoe Robin met een groepje studenten op kamp gaat en ze hen leert hoe de natuur van alles biedt wat je nodig hebt om als mens te overleven.

Uiteraard is Robin verdrietig om hoe de moderne mens de Aarde plundert. Het enige praktische advies dat ze geeft is stilstaan bij wat je koopt en waar dat vandaan komt, maar vaak is dat moeilijk of niet te achterhalen, vooral bij ingewikkelde producten zoals een computer. Ze eindigt hoopvol, omdat steeds meer mensen net zoals zij interesse hebben in de oude manier van omgang met de natuurlijke wereld. De laatste honderd bladzijden kan ik mijn aandacht er steeds moeilijker bij houden. Ze vertelt meer algemene verhalen en minder persoonlijke, wat me minder interesseert. Desalniettemin kan dit boek je met andere ogen laten kijken naar alle wezens waar we mee samenleven.

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.