In een oude, verpauperde woonwijk is een nieuw appartementencomplex gebouwd, met een opvallende architectuur. De muren zijn bijna allemaal gebogen en er zijn veel ramen. Het wordt al gauw ‘de bijenkorf’ genoemd. De mensen die er zijn komen wonen, zijn andere types dan hun volkse buren. Dat leidt al gauw tot wrijving en achterdocht.
Herman Franke laat wel meer dan tien wijkbewoners aan het woord, waarvan de meesten in de bijenkorf wonen. Naast ieders eigen levensproblemen en stokpaardjes hebben ze ook allemaal ander taalgebruik, wat heel knap gedaan is. Violist Elto gebruikt veel archaïsche woorden. De gepensioneerde meneer Forstenalt denkt nog regelmatig dat het oorlog is. Mernin schrijft voor een feministisch tijdschrift en Vartor werkt aan een proefschrift over mislukte uitvindingen. De kinderen Milla en Jacho spelen op straat en weten daardoor wie er allemaal in de bijenkorf wonen, hoewel hun ouders hebben gewaarschuwd dat ze er uit de buurt moeten blijven.

De constructie van het gebouw blijkt al gauw overlast met zich mee te brengen doordat geluiden zich veel te gemakkelijk verspreiden. Dat begint met onregelmatig gebons. Ista gaat op onderzoek uit en ontdekt dat de buurman uit een ouder huis aan het oefenen is voor een bokswedstrijd. Daarbij mept hij tegen de wand die grenst aan de bijenkorf. Ista belt aan bij de buurman, die hem wodka en pinda’s aanbiedt. Dit gesprek haalt niks uit en ze moeten het maar accepteren tot aan de wedstrijd, die wordt gehouden tussen de witte buurtbewoners en de buitenlanders.
Het verhaal lijkt zich af te spelen in een parallelwereld die lijkt op de onze. De cultuur is net een beetje anders: er worden namen van popsterren genoemd die je niet op internet terug kunt vinden en er is een nieuw muziekgenre dat random-beat heet, waarop je kunt dansen met onvoorspelbare bewegingen. Sommige mensen drinken demi-Corton, een likeur die ook niet echt bestaat. De vader van Jacho komt uit Quanador en spreekt een taal die lijkt op Spaans.
Het is een dik boek en sommige stukjes boeien me wat minder. Die lange aanloop is nodig om alle mensen te leren kennen. Een paar keer wordt ineens een relatie tussen twee personages gelegd, wat voelt alsof een puzzelstukje op z’n plek valt. Het mooiste vind ik wanneer scènes een paar keer worden verteld vanuit verschillende perspectieven. Sommige personen ontwikkelen zich niet de goede kant op: er wordt steeds meer alcohol gedronken en er is iemand die het steeds moeilijker kan opbrengen om haar huis schoon te houden. De sfeer in de buurt wordt ook langzaam grimmiger. Het einde is verbijsterend. Wolfstonen is een origineel boek, waar van alles uit te halen valt.
Dit was het boek van het kwartaal op Boekmeter, dus ga daarheen voor meer leeservaringen!
Dat klinkt weer interessant, dank je !
LikeLike
Ik heb het boek niet uitgelezen en toen in een minibieb gezet. Maar ik heb zo dus het bijzondere eind gemist.
LikeLike