Pastorale speelt zich af tijdens een lange zomer in de jaren 1980, met een warmte die zo’n typische sfeer geeft aan een boek. Oscar gaat bijna naar zijn examenjaar. Zijn zus Louise studeert en woont op kamers, maar ze is even terug in het ouderlijk huis op het platteland. Het perspectief wisselt tussen de twee.
De verhaallijn van Louise gaat vooral over haar afkeer van het christelijk geloof van haar jeugd. Ze vindt het allemaal onzin en begrijpt niet dat mensen zich zo laten leiden door een oud boek. Sommige mensen zullen zich erin herkennen, maar ik vind het niet origineel en het wordt met weinig humor verteld. In de loop van het boek erger ik me steeds meer aan Louises negatieve houding. Dan lees ik liever iets van de oordeelloze Franca Treur of de flauwe grappen van Maarten ’t Hart.
Verder lezen
