Sabina, vrouw van Hadrianus – Nynke Smits

Ik ben dol op historische romans. Die spelen zich vaak af in de Middeleeuwen of daarna, maar Sabina, vrouw van Hadrianus leefde veel langer geleden: van 85 tot 137 na Christus. Ze is wereldberoemd geworden als echtgenote van de keizer. Tegen het einde van haar leven ziet ze Hadrianus echter maar weinig. Ze heeft zich teruggetrokken in een boerderijtje op hun buitenverblijf. Haar leven komt in wat rustiger vaarwater, maar dan wordt er alarm geslagen. Fuscus, die Sabina beschouwt als haar eigen zoon, is in gevaar. Halsoverkop reist Sabina met een paar slaven af naar Rome, in de hoop hem te kunnen waarschuwen. In de week die volgt gebeurt er van alles en nog wat. Toch heeft Sabina tussendoor ook de kans om terug te kijken op haar leven.

Door te kiezen voor het perspectief van deze vrouw, bespaart Nynke Smits ons beschrijvingen van militaire en politieke zaken. Sabina heeft wel veel gereisd naar alle uithoeken van het Romeinse rijk. Verder lezen

De hemel verslinden – Paolo Giordano

Tien jaar geleden genoot ik van De eenzaamheid van de priemgetallen, het debuut van Paolo Giordano. De twee boeken die hij daarna schreef zijn aan me voorbij gegaan, maar de thematiek van zijn vierde roman trekt me aan: jonge mensen die zoeken naar zingeving en iets met een commune. Enthousiaste bloggers en de mooie voorkant doen me beslissen om De hemel verslinden aan mezelf cadeau te doen.

Het verhaal begint als Teresa een tiener is. Elk jaar brengt ze met haar vader de zomer door bij haar oma in het zuiden van Italië. Haar moeder blijft liever in Turijn. Op een nacht zijn de buurjongens stiekem in oma’s zwembad. Ze worden betrapt en weggejaagd, maar Teresa’s nieuwsgierigheid is gewekt en ze besluit om de jongens op te zoeken op de masseria. Verder lezen

De olifant verdwijnt – Haruki Murakami

Na vijf romans en een trilogie wilde ik graag korte verhalen van Haruki Murakami lezen. Omdat in een verhalenbundel diverse thema’s aan bod kunnen komen, pak ik de Murakami-bingokaart er weer eens bij.

Bij het lezen van het eerste verhaal denk ik na een tijdje: dit komt me wel heel bekend voor. Als ik wat meer aandacht had besteed aan de titel van het verhaal had ik kunnen weten dat dit niet nieuw zou zijn, want dit is later uitgegroeid tot de dikke roman De opwindvogelkronieken. Ik vind het echter helemaal niet erg om het nog eens te lezen. Met dit verhaal kan ik al een paar vakjes van de bingokaart afstrepen: de hoofdpersoon verveelt zich en gaat naar buiten, om in de poort een vroegrijpe tiener tegen te komen die met hem praat over een verdwenen kat. Verder lezen

De eenvoud van aandacht – Cathelijne Esser

Ruim vijf jaar geleden zorgde Cathelijne Esser ervoor dat ik begon met deze blog, omdat ik mee wilde doen aan haar leesclub Een perfecte dag voor literatuur. Inmiddels houdt ze zich met andere zaken bezig, waaronder het schrijven van een eigen boek. Daar was ik erg nieuwsgierig naar, ook omdat het thema me aanspreekt: aandacht en luisteren.

Verder lezen

De ijsdragers – Anna Enquist

Waarom spreekt het ene verhaal je wel aan en het andere niet? Op een druilerige zondag lees ik de laatste bladzijden van Het einde van de eenzaamheid van Benedict Wells. Het leest makkelijk, maar de personages zijn niet echt tot leven gekomen in mijn hoofd. Ik heb geen zin om erover te bloggen en wel behoefte aan iets heel anders. Dus ik wandel naar de boekenkast en pak De ijsdragers van de plank waar het al een tijdje staat te wachten.

Zandgrond had ze altijd gehaat hoewel veel mensen er hoog van op gaven. Het zou goed zijn voor de huid en heilzaam voor de luchtwegen. Zij verafschuwde de nonchalant neergewaaide duinen met hun kwaadaardige helmgras, ze verachtte het element dat zich zo gemakkelijk door de wind liet verspreiden, dat zo machteloos de reddende regen door zich heen liet sijpelen en zich zo kritiekloos leende voor toepassing als schuurmiddel of tijdmeter. Als kind stond zij op het strand te kijken hoe de wind enorme zandstrepen voortjoeg, zo’n tien centimeter boven de grond; ze voelde de korrels prikken tegen haar kuiten en lachte. Zinloze opwinding, kinderachtig geweld.

Dit voelt anders; het spreekt me direct aan met die natuurmetaforen. Aan het woord is Loes, docent klassieke talen, echtgenote van Nico. En moeder van Maj. Maar die komt pas later ten tonele. Eerst gaat het over het werk van Nico, die psychiater is en directeur wordt. In de even hoofdstukken lees je vanuit zijn perspectief over de ggz-instelling waarin hij alles wil veranderen. Ondertussen stort Loes zich op de tuin, waar ze ondanks de zandgrond iets van wil maken.

Verder lezen

Leesreis door de provincies: Zuid-Holland

Dubio is een dubbelroman. Tweederde van het boek speelt zich af aan het begin van de elfde eeuw en daarna verspringt het verhaal naar onze tijd. Het begint in 1014, als Flardinga (juist, Vlaardingen) al een levendige plaats is waar veel schepen voorbijkomen. De handel is de reden dat mensen toch in die moerassige omgeving gaan wonen. Bernulf woont met zijn ouders en nog een paar familieleden in hun herberg. Hij is een tiener die het liefst met een bootje het veengebied in gaat, om te jagen samen met zijn hond en roofvogels. Op een dag treft hij een zwaargewond meisje aan en hij neemt haar mee naar huis. Daar wordt ze liefdevol verzorgd door Bernulfs moeder, die altijd al een dochter had willen hebben. Het meisje knapt langzaam op, maar praten lukt haar niet. Ze kan ook niet duidelijk maken waar ze vandaan kwam. Het enige wat ze nog weet is dat ze Germaine heet.

Verder lezen

Happiness – Aminatta Forna

Op de Waterloo Bridge in Londen botsen twee mensen tegen elkaar op. De ene is Jean, oorspronkelijk Amerikaanse, onderzoeker naar vossen in de stad. De andere is Atilla, een lange Ghanese psychiater die in Engeland is voor een conferentie over PTSS. Toevallig komen ze elkaar later nog eens tegen en leren ze elkaar kennen. Dit wordt geïllustreerd door veel flashbacks naar korter en langer geleden, waardoor je als lezer steeds meer over hun leven te weten komt.

Naast het vossenonderzoek verdient Jean haar brood door stadstuintjes voor anderen te ontwerpen. Ze had zich namelijk een beetje verrekend in de kosten van het wonen in Londen. Toch heeft ze een huis gevonden met een dakterras, wat ze zorgvuldig heeft ingericht met bloemen en planten en waar ze zelfs groenten verbouwt. Aminatta Forna gebruikt veel details om haar vertelling kleur te geven. Ik vind het fijn om te lezen over alle dieren die in de stad leven: naast de vossen zijn er vogels, huisdieren en insecten.

Atilla reist veel om lezingen te geven over zijn ervaringen met de behandeling van mensen met oorlogstrauma’s. Door zijn Afrikaanse wortels heeft hij een andere kijk op het leven dan veel collega-psychiaters, wat mooie filosofische gedachten oplevert. Verder lezen